vrijdag 30 december 2011

Een geweldige afsluiting van het jaar 2011: alsnog de giervalk!

Onregelmatig werd de giervalk gezien bij de Autrichepolder in Zeeuws-Vlaanderen. Ik had zelf al het idee dat als je daar een dagje rond zou rijden je een grote kans zou hebben op een giervalk. Dat klopte ook om half vijf werd ik bij de kassen gebeld door Edward. De giervalk was vandaag (goed) gezien en als hij morgen weer gemeld werd wilde hij erheen. Hij zou me dan bellen en dan zou ik heel snel naar huis fietsen om bij de stoplichten te staan. Vanmorgen was ik dus al een beetje zenuwachtig of het zou gaan gebeuren. Op het werk vraag ik meteen om toestemming om als ik dus een telefoontje krijg, meteen weg te kunnen sprinten. Het is geen probleem en opgelucht ga ik meehelpen om de reserveplanten op het pad te zetten. Ik gokte dat rond 11 uur ongeveer de vogel teruggevonden gaat worden. Om kwart over tien houden we pauze. Zou de vogel nog wel ontdekt worden? Om half elf klinkt opeens de mij welbekende riedel van mijn mobiel. Het is Edward, "Hij is gezien dus we gaan er maar heen". Ik zeg dat ik er meteen aan kom. Ik brul nog snel over mijn schouder dat ik weg ben en ik ren de kas uit. Snel stap ik op mijn fiets en ik cross naar huis. Wel lastig met tegenwind en dus kom ik nogal 'zwaar ademend' thuis. Snel graai ik alle spullen bij elkaar, doe ik andere schoenen aan en weg ben ik. Bij de stoplichten staat Edward al te wachten. Hij staat er al een kwartier want hij was sneller dan verwacht en ik was langzamer (dat had ik al een beetje verwacht). Met moeite komen we door de tol geen (die hoe schandalig! geen pinmogelijkheden bezit!) met het laatste contante vijfje wordt de heenreis betaald. Dat wordt pinnen in Zeeuws-Vlaanderen. Als we op de plaats van bestemming aankomen horen we dat de vogel net weggevlogen is. Dat is balen, maar we blijven nog vol goede moed. Ik zie iets van tien auto's met Belgen en ook nog een paar Nederlanders. Wij zoeken de fabrieksgebouwen en de velden van het Sas van Gent af, maar het levert behalve vijf patrijzen niets op. Het Sas van Gent hebben we nu wel gezien dus we gaan ook naar de Autrichepolder. Daar staan zo'n vier auto's met Belgen. Ze zijn uitgestapt met telescopen, maar dat zegt niet zoveel. We vragen of hij er zit, maar tegen de verwachting in antwoorden ze in uitstekend Vlaams "Ja, hij zit teegjen die zandhopen, halfverweegje met z'n rugj naar ons toe)". Dat is boffen! Ik mag even bij de vriendelijke Belgen door de scoop gluren en hij is binnen! Het is nog wel behoorlijk ver en aangezien er een mogelijkheid is om dichterbij te komen gaan we dat ook doen. Als we ons daar geïnstalleerd hebben wordt het alleen nog maar beter. Door de scoop is de vogel fantastisch te zien.
Hij zit volkomen op zijn gemak en besteedt totaal geen aandacht aan ons. Hij gaat zich uitgebreid poetsen en terwijl hij dat doet kunnen we pas goed te kenmerken zien. Van top tot teen: een bruine kop met lichte wenkbrauwstreep, typische valkentekening met bruine baardstreep, een snavel met blauw/grijze washuid, een zeer zwaar gebandeerde borst en buik met roodbruine strepen en bruine vleugels met zwarte spikkeltjes, zeer grote, dikke en zwaarbevederde poten maken het plaatje compleet. Wat een vogel! Het formaat valt natuurlijk het meeste op. Het formaat is minimaal dat van een buizerd. Wat ook een opvallend kemerk is, zijn lichte strepen op het achterhoofd. Volgens mij geen kenmerk dat 'des giervalks' is, maar deze heeft het wel.

Die poten kunnen we extra goed zien als de vogel besluit om ook daaraan aandacht te besteden. Een voor een haalt hij ze tevoorschijn en geeft ze een goede poetsbeurt. Dat ziet er erg leuk uit.


We staan nu al best lang naar de vogel te kijken, maar vervelen doet het niet! Toch moeten we ook weer eens een keer weg. Edward geeft ons nog 20 minuten en dan gaan we weg. Jammer, denk ik dan heb ik hem niet vliegend gezien... Bijna op hetzelfde ogenblik vliegt de vogel op! De vogel heeft aanmerkelijk snellere vleugelslagen dan een buizerd zou hebben, maar toch gaat het een stuk langzamer dan je een slechtvalk zou zien doen. Toch erg gaaf om te zien zo'n zwaar bakbeest die zich verplaatst.

Een eindje verder strijkt te vogel neer. Dit is een mooie afsluiter van de waarneming en tevreden gaan we naar de auto terug. Daar wacht een nieuwe verrassing want door de auto's kunnen wij er niet meer uit. Gelukkig lukt het toch en kunnen we met een zeer bevredigende waarneming weg gaan. Onderweg wordt de auto even volgetankt en nog tien euro extra gevraagd om weer terug door de tol te kunnen. Een hele leuke afsluiting van 2011. Hopelijk wordt 2012 ook zo'n leuk jaar!

zaterdag 12 november 2011

Mijn tapuit van het jaar!

Na al die jobsberichten over het missen van giervalken en je longen uit je lijf fietsen op Noord-Beveland is het ook wel eens leuk om een goed bericht te kunnen schrijven. Twee dagen geleden werd bij Burgh-Haamstede een woestijntapuit ontdekt door een Belg een zekere Raymond de Smet. Een hele mooie tapuit bleek al snel. De foto's waren niet mis een spetterende adult man met alles er op en eraan. Zoveel woestijntapuiten worden in Nederland niet gezien en zulke fraaie adulte mannen al helemaal niet. Mijn vorige zeldzame tapuit was vorig jaar de bonte tapuit. Deze is wel wat minder zeldzaam maar een heel stuk mooier. Alle reden dus voor mij om te gaan. Helaas gaat het donderdag en vrijdag niet lukken dus al mijn hoop is gevestigd op zaterdag. Zaterdagochtend ga ik zoals gewoonlijk naar de kassen. 's Middags bel ik om te beginnen Edward maar eens op om te vragen of hij toevallig al geweest is. Dat blijkt zo te zijn, hij rijdt er net vandaan. Gelukkig wil m'n moeder heel misschien wel met me rijden. Ik ga dus eerst maar wat voor school doen en me verdienstelijk maken met huishoudelijke karweitjes. Gelukkig kan mijn moeder me om drie uur toch naar de tapuit brengen. Thank you, mummy! Het is ongeveer 40 minuutjes rijden en al snel zijn wel dan ook ter plaatse. Als ik bij de andere waarnemers sta hoor ik dat hij aan de andere kant van de akker zit, maar door de telescoop wel mooi te zien is. Dat klopt inderdaad, maar het is helaas nog wel ver weg. De vogel is actief en vliegt regelmatig heen en weer en gelukkig soms ook een paar meter naar ons toe. De echte doorstoot naaar de rand van de akker wil maar niet komen, maar opeens krijgt de vogel er zin in. Onder aanmoedigend geroep vliegt de vogel de hele akker over en land aan de rand. Nu is hij door de telescoop zeker schitterend te zien en kunnen ook wat acceptabele bewijsplaatjes geschoten worden. Helaas lukt dat door het slechte licht niet al te best, maar hij staat er toch duidelijk op. Voor waarneming.nl reserveer ik het onderstaande plaatje met een wat andere houding dan al die andere foto's die allemaal gemaakt zijn terwijl hij op een akker zit. Natuurlijk heb ik daar ook foto's van en die staan er onder. Tip: als je op een foto klikt kun je erg makkelijk de hele serie bekijken.


woensdag 9 november 2011

In m'n eentje op Noord-Beveland


Oud bericht, moest ik nog plaatsen
Vandaag heb ik eens een keer de hele dag vrij. Vorige week en gisteren had ik toetsen, maar nu is de toetsweek voor mij afgelopen. Ik besluit om vandaag te gaan vogelen op Noord-Beveland. Izak had gisteren vrij en heeft vandaag toetsen dus ik ga alleen. Tussen de brug bij Kats en Goes zit in het land een grote groep kolganzen. Ik check de groep even en ik zie dat er ook nog drie toendrarietganzen en een grauwe gans in zitten. Één kolgans is geringd d.m.v. een halsring, daar staan de letters KU op. Thuis maar eens kijken wat de geschiedenis daarvan is! Bij de brug zitten veel meerkoeten en ook nog futen. Er zit niet veel bijzonders. Verder dus maar, als ik op Noord-Beveland ben aan gekomen zie ik grote groepen kramsvogels en koperwieken. Één koperwiek laat zich nog fotograferen. Een groepje kramsvogels vliegt weg uit een boom. Één lijsterachtige blijft zitten. Al snel vliegt ook hij weg. Ik verwacht het kenmerkende 'tjek, tjek' te horen maar in plaats daarvan hoor in een hele andere roep. Het is een beetje een zeurderige roep die een beetje tussen de roep van een zanglijster en koperwiek in zit. Snel maak ik een paar foto's. Daarna vliegt de vogel verder het land in en verlies ik hem uit het ook. Misschien is het gewoon een afwijkend roepende kramsvogel maar je kunt natuurlijk nooit weten! In de buurt van Colijnsplaat komt een sperwer nog mooi dichtbij langsvliegen. Ik blijkt Colijnsplaat gemist te hebben. Daarom ga ik gewoon rechtdoor naar de dijk toe om eerst de inlagen te doen. Het einde van de weg komt uit bij de weg tussen de Oesterput en de 's-Gravenhoekinlaag. In de inlaag bij de Oesterput zit niet echt veel bijzonders. Het is helaas ook mistig zodat ik niet ver over zee kan kijken. Als ik op de dijk zit kan ik de regenwulp zien die hier ook al een tijdje verblijft. als ik boven de dijk kom zie ik dicht langs de kant een rugvin boven water komen die meteen weer wegduikt. Waarschijnlijk een bruinvis maar helaas komt hij niet nog een keer boven zodat ik het niet helemaal zeker weet. Na de Oesterput komt de 's-Gravenhoek aan bod. Tot mijn verrassing is langs de hele dijk schokdraad geplaatst. Best irritant want normaal ga ik daar aan de binnenkant van de dijk zitten om op mijn gemak de inlaag 'te doen'. Dat kan nu dus niet dus ik blijf op de dijk staan. Gelukkig trekken de eenden zich niets van mij aan. Ook in de 's-Gravenhoek zit niet veel bijzonders. Veel eenden (wintertaling, smient, slobeend) maar ook veel kieviten. Als ik klaar ben met scannen komt iemand van een laboratorium de waterkwaliteit testen. Gelukkig ben ik klaar met scannen, maar voor de eenden is het niet zo prettig want die vliegen alle kanten op. Op de 's-Gravenhoek volgt zoals gewoonlijk het Bokkegat. Het Bokkegat is erg vol met water dus daar blijf ik niet lang. Bij de hut eet ik mijn brood op in de hoop een langstrekkend pallas' boszangertje te zien of (laten we reëel blijven) een vuurgoudhaantje. Die beide vogeltjes komen niet langs. Bij hut de Keihoogte zie ik niet veel, maar wel ontmoet ik twee wandelaars die aan de buitenkant van de Thoornpolder twee sneeuwgorzen gezien hebben. Daar ga ik dus heen. Helaas zie ik daar geen sneeuwgorzen, maar wel opvallend is de trek die daar plaatsvindt. Erg veel lijsters zitten in de struiken en ook veel vinkachtigen komen langs. Een plek om in de gaten te houden bij de najaarstrek! Op de terugweg wil ik nog naar de grote geelpooruiter voor de novemberlijst. Ik besluit dat buitendijks te doen. Onderweg kom ik nog veel smienten tegen waarvan een er nog al gek uit ziet. Ik ga maar eens navragen of dat wel zuivere koffie is. Als ik weer binnendijks fiets, ter hoogte van de Oesterput kom ik Peter Boelee en Niek Oele tegen. Ze hebben twee mensen van de krant bij zich die een stuk in het RD gaan schrijven over vogels. Ik maak een praatje en zei hebben net de grote geelpoot ook gezien. Ik heb dus goede hoop dat ik de vogel ook zal zien. Die hoop komt gelukkig uit want als ik de telescoop opgesteld heb bij de Valkreek zie ik de vogel al snel lopen. De grote geelpoot heeft nu dik een jaar volgemaakt. Naar verwachting blijft hij nog tot maart waarna hij weer verder zal trekken, aldus Pim Wolf (bron is het forum van waarneming.nl). Het is al te donker voor goede foto's, maar toch probeer ik om een redelijk bewijsplaatje te maken. De omstandigheden in aanmerking genomen lukt dat redelijk. Na de grote geelpoot vertrek ik naar huis. Leuk, zo'n dagje vrij!

zaterdag 29 oktober 2011

Geen giervalk

Gisteren werd de Belgische giervalk voor het eerst in Nederland waargenomen. Toen dat gebeurde heb ik meteen iedereen gebeld maar iedereen was al weg en de mensen die nog niet weg waren konden niet. Uiteindelijk zou dat toch niet geholpen hebben want van degenen die gingen heeft niemand hem gezien. Ik vraag aan Edward of hij morgen nog gaat kijken maar hij zou eerst gaan trektellen met Mark dus hij was het nog niet zo van plan. Ik besluit morgenochtend maar gewoon te gaan werken, wie weet duikt hij pas 's middags op. IJdele hoop, 's middags zie ik dat de vogel vanochtend is gezien. Als ik naar Edward bel hoor ik dat hij toch samen met Mark al 's ochtends is gegaan. Het zal wel gegaan zijn om een miscommunicatie want waarschijnlijk dacht Edward dat ik sowieso moest gaan werken en dat ik 's ochtends toch niet kon. Dat was dus niet zo want voor een giervalk kan ik altijd tijd vrij maken! Enfin, ik ga vanmiddag zelf maar zoeken in de Poel. Volgens de berichten was de vogel verder Nederland ingevlogen dus wie weet... Helaas zie ik niets. Op een elekriciteitsmast zie ik nog wel een grote bruine valk. Zou het dan toch... Als ik dichterbij ben zie ik dat het helaas om een juveniele slechtvalk gaat. Zonder giervalk fiets ik weer terug naar huis. Het was ook te mooi om waar te zijn, hopelijk komt er van de week een herkansing!

woensdag 26 oktober 2011

Het kan niet op!

Ik heb nog weinig tijd geïnvesteerd in het zoeken naar een klapekster. Daarom staat deze soort nog niet op de lijst. Hij is ook weer niet zo zeldzaam dat ik er kilometers voor ga rijden dus ik zoek nog wel eens een vogel lekker in de buurt op. Wat ik wel wil proberen is om hem dit jaar wel te zien. Genoeg geneuzel over klapeksters. Zijn kleine broer (die kleine klapekster heet) is namelijk in Serooskerke aangeland. De vogel werd zaterdag net voor het donker doorgegeven en kon toen alleen nog door een handjevol gelukkigen gezien worden. Dat heeft trouwens wel schilderachtige taferelen opgeleverd heb ik zo gehoord. Één vogelaar was in zijn pyjama er naar toe, een ander liep op sokken en een derde ontsnapte maar net aan een echtelijke ruzie (dat weten we trouwens nog niet eens zeker...) als algemeen kenmerk hadden ze wel dat iedereen ongestrikte schoenen had. Gelukkig was dit allemaal niet nodig en is de vogel zondag prachtig gezien. Maandag ook en dinsdag ook. Woensdag kan ik gelukkig, zal de vogel er nog zitten? Het klinkt hoopgevend want de vogel is gemeld. Eindelijk is het dan toch zover en sta ik om half vier op de plaats van bestemming. Daar ontmoet ik ook nog andere vogelaars die me vertellen dat de vogel over de weg is gevlogen en uit beeld is. Na wat aarzelen besluit ik om dan aan de overkant van de weg maar te gaan zoeken. Opeens vliegt daar een al eerder gemelde sperwer de bosjes uit. Hij heeft iets in z'n klauwen dat nogal erg op een kleine klapekster lijkt! Het zweet breekt mij uit, het zal toch niet waar zijn? Snel maak ik enkele plaatjes van de sperwer.
Als ik aan de andere kant van de weg sta loop ik naar een andere vogelaar toe en bespreek ik wat ik heb gezien. Gelukkig was het niet waar, na een kort poosje zit ie er dan toch. Op z'n oude vertrouwde paaltjes: een mooie kleine klapekster! Door de telescoop is alles goed te zien. De vogel doet mij erg denken aan een klauwier qua vorm een klapekster heeft toch een hele andere vorm. De vogel verschilt van een gewone klapekser door het formaat, de dikke snavel, de grote vlek op de armpennen en nog een paar dingetjes. Onopvallend maar toch aanwezig is ook een lichte aanzet van een roze zweem rechts van de keel. De vogel komt wat dichterbij zitten en ik kan een plaatje maken van hem op de paaltjes.
Even later vliegt de vogel op  naar het koolzaadveld er naast. Daar gaat hij telkens af en toe vliegen en dan bidt hij ook. Dat herhaalt zich zo'n zeven keer. In die tijd kan ik ook wel leuke vlucht- en bidplaatjes schieten.
Daarna zit de vogel een hele tijd stil in het koolzaad en is het tijd om de instellingen zo optimaal mogelijk af te stellen. Ook dat levert weer leuke foto's op. Ik kan ook nog een foto maken waarop de oogstreep erg duidelijk te zien is. Verder poetst de vogel zich uitgebreid en dat is ook weer leuk voor foto's.
Als de vogel er al een hele poos zit vindt hij het zelf ook tijd worden om op te stappen. Hij vliegt een stuk dichter naar ons toe en nu is het nog veel makkelijker om leuke foto's te maken.
Ik heb een foto van de vogel met een bij in z'n snavel en ook klapt hij ook een keer leuk de vleugels uit. Verder is hij 'gewoon' in zit ook wel leuk. Ik kan een hele fotoshoot samenstellen en dat doe ik natuurlijk graag want zo vaak gebeurt het niet dat je dat kunt doen van een kleine klapekster!
Al met al heb ik de vogel zeer gaaf kunnen zien en ik vertrek dan ook tevrerden naar huis. Soort nummertje 261 is binnen!

zaterdag 22 oktober 2011

Blauwstaart en eindelijk dan toch die ruigpoot!

De blauwstaart van Castricum lokt toch wel. Hoewel de gemaakte foto's naar mijn idee nog niet echt om over naar huis te schrijven zijn vind ik de vogel er toch wel erg leuk uit zien. Hij lijkt ook nogal tp te blijven dus ik mail Edward maar eens om te vragen wat hij er van denkt. Al snel heeft hij terug gemaild: hij had ook al plannen in die richting dus hij zag het ook wel zitten. Ik moest nog even met m'n ouders overleggen of ik wel of niet m'n werk er voor af zou zeggen, maar al snel kreeg ik gelukkig groen licht en kon ik mee. 's Ochtends worden twee broodjes verorbert terwijl ik me klaar maak om om zeven uur bij de stoplichten van 's-Gravenpolder te staan. Het wordt wat later, maar uiteindelijk verschijnt Edward dan toch. Uiteraard gaan we weer in het opgefokte golfkarretje van Edward. Ilona gaat ook mee. Dat golfkarretje bewijst onderweg nog wel zijn nut. We hebben er mee over een fietspad gereden en er ook een versperring mee kunnen negeren. Dat hielp trouwens weinig want de straat was helemaal opgebroken dus we konden toch niet verder. We wilden er ook nog een spoorwegovergang mee oversteken die uitsluitend bestemd is voor voetgangers en fietsers. Dat hebben we toch maar niet gedaan en na een hoop omleidingen komen we toch redelijk in de buurt van de plaats van bestemming. Daarna wordt het lopen want gemotoriseerde voertuigen zijn niet toegestaan. In hoeverre je de apparatuur de onder het miniatuur motorkapje liggen motor kunt noemen weet ik niet maar we hebben het risico maar niet genomen. Na een flinke wandeling komen we, geholpen door enkele andere vogelaars, op de plaats van bestemming aan. De vogel is uit beeld, maar er is alle hoop. Al vrij snel ziet Edward hem. Hij is gelijk daarna weer weg dus dat is erg jammer. Gelukkig komt de vogel om exact 10:37 uur weer tevoorschijn en gaat mooi vrij op een tak zitten. De vogel vliegt af en toe naar de grond en gaat dan ook weer snel terug. Één keer lijkt het erop dat hij naar ons toe wil vliegen, maar dat durft hij toch niet. We kunnen de vogel zo'n drie minuten bewonderen maar dat is meer dan genoeg! Waarschijnlijk is dit het beste moment van de dag geweest en over de gemaakte plaatjes ben ik dan ook meer dan tevreden! Persoonlijk vind ik mijn plaatjes tot nu toe bij de top tien horen. In het land van de blinden is eenoog tenslotte koning. Je moet ook wel eens geluk hebben.
In de daarop volgende minuten is de vogel telkens korte of langere tijd in beeld. Helaas gaat het dan meestal over een redelijk grote afstand en vaak ook met tegenlicht. Zo goed als de eerste keer zien we hem echter niet meer. Door de telescoop is hij wel erg mooi te zien. Één keer kan ik ook nog een vrij lelijk vluchtplaatje maken maar de blauwe staart is daarop wel leuk te zien.
Om elf uur houden we het voor gezien. Zeer tevreden kunnen we vertrekken. De missie is geslaagt. We hadden drie doelen: 1 De vogel zien, 2 De vogel goed zien en 3 Foto's maken. Die drie doelen zijn gelukt! Op de weg terug horen we nog een vogel die heel goed een kleine bonte specht zou kunnen zijn. Dat zou voor mij erg leuk zijn omdat dat een nieuw soort zou zijn. Die moeten we thuis nog even checken. We rijden nu terug maar we gaan wel via Barendrecht om de buffelkopeend nog op de jaarlijst te krijgen. Onderweg terug worden we nog meerdere keren geërgerd door meldingen van Raddes boszangers, zwartkeellijsters en zo meer. Helaas brengt de Gaatkensplas niet waarop we gehoopt hadden. De buffelkopeend zien we niet. We zijn wel van plan om via Ouddorp naar huis te gaan want daar is door Niels van Houtum en Swen Rijnbeek een Pallas' boszanger ontdekt. Via de telefoon krijgen we extra informatie en we kunnen weg. Een hele tijd later komen we in Ouddorp aan. We zien George Tanis en daar maken we natuurlijk even een praatje mee. Hij heeft al twee uur gezocht en niets gevonden. Niet erg hoopgevend dus. Desalniettemin wordt de auto toch hoopvol op het grote parkeerterrein aldaar geparkeerd. Als we nog maar net zijn uitgestapt zie ik opeens een buizerdachtige overvliegen. Dat lijkt wel een... "Edward, mogelijke ruigpoot!" roep ik. Snel trekt Edward trekt snel het hoofd uit de kofferbak en kan de wegvliegende mogelijke ruigpoot nog zien. Snel heb ik wat bewijsplaatjes gemaakt.
Op basis daarvan kunnen we er een zekere juveniele ruigpoot van maken. Erg leuk! Eindelijk heb ik deze langverwachte soort binnen en dat nog wel zelf ontdekt! Helaas vinden we geen Pallas' boszanger. We horen nog wel een bladkoning maar helaas horen we die te kort om hem helemaal af te maken. Toch gaan we opgewekt terug naar huis, met een blauwstaart en een ruigpootbuizerd op zak hoor je niet te klagen!

dinsdag 18 oktober 2011

Opnieuw een eendje...

Voor vandaag heb staan er twee repetities te leren op het programma dus daar wil ik 's-middags dan ook mee beginnen. Zoals gewoonlijk check ik nog even waarneming.nl en dutchbirding (dat doe ik 200 keer op een dag). Een Amerikaanse smient bij atlasblok 48! Dat klinkt goed! Snel klik ik op de link en ik zie dat het klopt: een adult mannetje Amerikaanse smient bij de Zandvoortseweg, Middelburg ontdekt door Arjen van Gilst. Snel bel ik Edward op. Hij had me al verwacht en we spreken om 10 over half vijf bij de stoplichten af. In de tussentijd probeer ik de Franse werkwoorden nog even in m'n hoofd te stampen. Ik sta er ruim op tijd en al snel zie ik Edward ook. Ik zie hem eerst even over het hoofd want hij heeft nu een soort koekblik genaamd Toyota Aygo. Het wagentje rijdt wel zuiniger, maar daarvoor zit je natuurlijk wel wat krapper. Eerst gaan we nog even langs Heinkenszand om Edward z'n spullen op te halen. Daarna gaan we door richting Middelburg. Het is nog even gezoek naar de juiste plaats. Zelfs nadat we de spiksplinternieuwe Tom-Tom uit de verpakking gehaald en aangesloten hebben komen we niet op de juiste plaats. Wel op de Zandvoortseweg, maar niet waar we moeten zijn. Een telefoontje naar Ies Meulmeester maakt ons duidelijk dat we verder door moeten rijden. Al snel zijn we nu op de plaats van bestemming. Daar zie ik Marc ook al staan met nog iemand die ik niet ken. Wij pakken snel de telescopen uit de auto en checken nog even de kenmerken. Het zal hard zoeken worden want er zitten nog al wat smienten en die zitten ook nog eens achteraan. Na een lange tijd scannen gaat degene die bij Marc stond weg. Wij zoeken nog met onverminderde aandacht door. Het wordt wel bemoeilijkt door de wind die recht in ons gezicht blaast. Edward en ik zien een afwijkende smient, maar we zijn hem ook zo weer kwijt. Opeens zie ik rechts van de plas een gekke smient de kant op lopen. In één seconde check ik alle kenmerken, grijze kop: check, groene vlek: check, spierwitte zijkant: check. Dat is hem! Snel probeer ik hem aan Marc en Edward aan te wijzen maar dat is nog niet eenvoudig omdat het nogal door elkaar loopt en de telescoop nogal trilt. Edward ziet hem even kort, maar later zie ik hem weer beter. Met de woorden "Hij loopt nu het water in" laat ik Marc door m'n scoop kijken. Edward ziet hem meteen en ziet nu ook alle kenmerken goed. Bij Marc is het wat moeilijker omdat de beestjes weer door elkaar aan het zwemmen zijn. Op een gegeven moment vind ik hem weer terug als hij helemaal vrij loopt. Dan is het niet moeilijk meer en heeft ook Marc hem binnen. Het blijft lastig maar uiteindelijk gaat de vogel op de kant zitten poetsen. Nu kunnen we op het gemakt eens de kenmerken langs gaan. Als de vogel even later gaat slapen valt ook de gele kruinvlek op. Ik maak een nogal bibberig baggerplaatje maar de vogel is wel herkenbaar. Met name de witte flank valt erg op.
Gelukkig zijn er vroeger in de middag nog betere plaatjes gemaakt zodat toch wel te zien is hoe leuk we de vogel eigenlijk gezien hebben. Het onderstaande plaatje van Jaco Walhout laat dat erg leuk zien.
<><> <><> <><>
Foto Jaco Walhout
Als we uitgekeken hebben gaan we tevreden huiswaarts. We hebben allebei een nieuwe soort binnen! Thuis liggen de repetities nog op me te wachten...

zaterdag 8 oktober 2011

De eerste zeetrekuurtjes op WK

Vrijdag stond er een hele goede wind. NW 6-7 stond garant voor een hele goede dag met op Ameland een nieuw Nederland record van grote jagers en ook op Westkapelle veel vogels. Het meest opmerkelijke waren in totaal 12 rosse franjepoten die langskwamen. Ook vandaag zou erg leuk kunnen zijn met naar verwachting NW 5 en na zo'n goeie dag levert dat altijd wel leuke dingen op. Helaas kan ik niet, ik moet werken. Als ik thuis ben is wil mijn moeder me gelukkig 's middags alsnog naar Westkapelle brengen en kan ik ook nog een paar uurtjes zeetrek meemaken. Als ik eenmaal bij de andere vogelaars sta informeer ik natuurlijk over de stand van zaken. Het is al een erg leuke dag geweest en er is alle hoop dat ik ook nog wel wat beestjes mee zal kunnen maken. De eerste echte zeesoort die ik zie zijn de verschillende Jan-van-Genten. Na een poosje wordt er "Vaaltje!" geroepen. Al snel heb ik hem in de scoop. De vogel komt erg mooi langs. Het is een nieuwe jaarsoort voor me en de eerste keer dat ik hem zo goed kan zien. Opvallend zijn de kenmerkende lichte banen over de bovenvleugel. Als de vogel langsvliegt maak ik ook een paar bewijsplaatjes. Ver weg vliegt een andere zeevogel. Hoewel ik hem nog nooit in 'real life' gezien heb herken ik hem meteen van de foto's en tekeningen die ik gezien heb, "Grauwe pijl bij de vuurtoren" zeg ik tegen degene die naast me staat, zowaar een nieuwe soort! Ver weg wordt ook nog een pijl ontdekt. Al snel zie ik hem ook maar we kunnen er niet meteen een grauwe van maken. De vogel vliegt er wer weg maar las hij even draait valt de lichte onderkant op. Dat zou zomaar een vale kunnen zijn! Helaas vliegt de vogel te ver weg om hem zeker af te maken. Al snel vliegt weer een nieuwe jaarsoort de scoop binnen. Een grote jager die zich steeds beter laat bekijken.
Op den duur vliegt hij vlakbij en kan ik ook nog zien dat ze op hun kenmerkende manier de meeuwen lastig vallen. Erg leuk om zo dichtbij mee te maken! De aandacht wordt al weer snel afgeleid door opnieuw een vaaltje. Als dit beestje bijna weg is ontdek ik nog een vaaltje op dezelfde plek waar ze tot nu toe allemaal ontdekt waren. In totaal komen er vier vaaltjes langs waarvan ik van twee toch bewijsplaatjes kan maken.
Wat ook leuk is, is een zeekoet die mooi dichtbij langs komt. Ik dacht eerst dat het een alk was maar dankzij commentaar op Waarneming.nl weet ik dat het toch een zeekoet is. Voor mij een stuk leuker omdat dat wel een nieuwe jaarsoort is. Ik heb daar ook wat platen van kunnen schieten.
Een andere nieuwe jaarsoort is een waarschijnlijk 1e kalenderjaar drieteenmeeuw. Een kauw op de dijk zorgt voor wat opschudding want het beestje heeft een rode snavel! Helaas blijkt het toch een gewone kauw te zijn. Een andere leuke nieuwe jaarsoort is een parelduiker. Eerst kan ik de vogel maar niet vinden maar met de verrekijker lukt het tenslotte toch om hem net op het nippertje nog in beeld te krijgen. De paar uurtjes zijn zo om en als Niels de Schipper naar huis gaat vraag ik of ik mee mag rijden. Dat mag gelukkig en zo zijn de leuke zeetrekuurtjes afgesloten. Toch leuke dingen gezien! In de auto krijg ik nog een telefoontje van Izak, die heeft mogelijk een steppekiek ontdekt. Helaas zijn ze die al uit het oog verloren en wordt hij ook niet meer terug gevonden.

zaterdag 24 september 2011

Hoe Beveland Walcheren evenaarde: Big Day 2011

Vandaag is het eindelijk zover, de Bevelandse Big Day 2011 gaat officieel om zes uur van start. Tegelijkertijd met de Big Day van Walcheren organiseren wij ook altijd een Big Day, vaak wordt die op Noord-Beveland en Neeltje Jans gehouden. Dat is ook nu het geval. De regels zijn simpel zorg dat meer dan de helft van de groep een soort voor 18:00 uur ziet en je mag hem mee tellen. Mark en Edward hebben vorige week zondag al voorgevogeld en ondanks het slechte weer hadden ze toch 88 soorten. Dat belooft voor vandaag alle goeds! Om kwart over vijf haalt Edward mij bij de stoplichten op. Daarna gaan we door en halen we Mark ook af. Ons team is nu compleet, we zijn met z’n vieren: Mark Hoekstein, Edward Minnaar met dochter Ilona en natuurlijk ikzelf. Als Mark is ingestapt geeft Edward de etenswaren even door naar achteren. Tot zover gaat alles goed. De fles cassis moet helaas ook naar achteren en nu gaat het fout. Met een luid gesis springt de dop er af. Zo snel mogelijk probeer ik met m’n hand de fles af te sluiten. Gelukkig blijkt de schade mee te vallen. Afgezien van een paar druppels is er vooral koolzuur ontsnapt. Erger is het dat de dop spoorloos is verdwenen. Nu moet de fles voortaan met beleid vervoerd worden anders valt hij om en dan hebben we troep. Na dit ongelukje verloopt de korte reis gelukkig goed en ongeschonden komen we op Noord-Beveland aan om de Big Day te beginnen. De eerste soort word…. Tapuit! Verrassend genoeg is een tapuit die midden op de weg zit, de eerste soort. Volgens Mark doen ze dat wel vaker omdat tapuiten nachttrekkers zijn en daardoor kun je ze in het donker op de vreemdste plekken tegen komen. Peter Boelee wist mij te vertellen dat er langs de Emelissedijk een kerkuil zit. ’s Nachts vogelen is natuurlijk voor een groot deel gericht op uilen en dus beginnen we met patrouilleren langs de Emelissedijk en zo verder Noord-Beveland in. Bij de Wanteskuup wordt gestopt. Even proberen of we een waterral kunnen scoren. Zodra we uit zijn gestapt zien we al een natuurverschijnsel dat zeker ook erg leuk is: een vallende ster! Dat zie je wel vaker maar dit is toch wel een uitzondering. Normaal is een vallende ster een kort streepje licht die snel verdwijnt. Dit is een hele dikke baan vuur die aan het einde in allemaal kleine deeltjes uit elkaar spat, erg mooi! Er wordt nog geopperd of dit de satelliet is die zou gaan vallen maar waarschijnlijk is het toch niet zo. Terug naar de vogels, in het donker horen we van alles. Wulpen munten uit in vele variaties maar we horen niet echt nachtsoorten. Opeens horen we een aantal keer achter elkaar de bekende roep van de waterral. We zijn geslaagd en we kunnen terug. Op het dak van de auto staat de fles cassis zonder dop al te wachten. Al luisterend en vogelend gaan we zo richting de Goudplaten. Helaas zien we geen nachtsoorten meer. Bij de Goudplaten begint het al te schemeren, ook daar zien we wat soortjes maar wel van het normale spul. Bij de Schotsman is de volgende stop. Als de auto in de berm staat horen we al meteen een zwartkop. Al snel zien we ook een zwarte kraai, een graspieper en kan de eerste tjiftjaf genoteerd worden.  Met de opkomende zon kan ik nog een leuk sfeerplaatje schieten.
Op het gehoor komen er ook leuke soorten binnen. Een goudvink horen we en ook een havik, later zal blijken dat dit beide soorten de enige waren die we die dag zagen. De trek ziet er toch wel goed uit, daarom gaan we door naar de Banjaard. Tijdens het lopen ontdekt Mark tussen een grote groep kokmeeuwen een zwartkopmeeuw. Je kunt het maar hebben! De trek is eigenlijk niet zo veel, de zeetrek al helemaal niet. Een zwarte stern wordt alleen door Mark gezien. Wat ik wel erg apart vind is een groep van maar liefst 24 blauwe reigers! Wat ook erg leuk is, is een grote groep van ongeveer 70 lepelaars.
Op zee drijven ook nog 57 eiders. De trek is echter niet veel. Een groepje van drie rotganzen is ook nieuw voor de daglijst. Edward denkt een roodborsttapuit of iets van dien aard te zien in vallen. Natuurlijk gaan we daar op af. Achter een groep stenen zie ik opeens iets wits wegschieten. Ik denk aan de witte staart van een tapuit. Als we voorzichtig dichterbij lopen zien we wat het echt is: een hermelijn staat vol interesse naar ons te kijken! Een korte tijd kunnen we hem bewonderen als hij stil staat tussen de stenen.
Dan schiet hij weg. Als we naar de stenen gelopen zijn zien we hem nog een keer wegschieten. Bij de stenen stoppen we even. Terwijl we wat over de hermelijn staan te praten komt het beestje nog een keer. Ditmaal om te verkennen of de kust veilig is, op ongeveer een meter afstand steekt hij zijn kopje uit een holletje, super gaaf! Voor de rest is de trek niet zo heel erg veel. Gelukkig horen we nog wel een boompieper. Dat is ook de enige van de dag. Op de terugweg wordt er nog gestopt bij een veelbelovend uitziend gebiedje. Dat blijkt ook wel als Mark een vrouwtje gekraagde roodstaart ontdekt. Een nieuwe voor de daglijst! Vlakbij de Banjaard is nog een andere afslag die leidt naar een plek die goed zou zijn voor zwarte sterns. Helaas zien we daar geen zwarte sterns maar wel een mooie en duidelijke bruinvis. De zoogdieren doen het goed vandaag, ik heb al twee nieuwe soorten te pakken! Na de Banjaard wordt besloten om naar Neeltje Jans te gaan om in ieder geval de kuifaal in te tikken. Dat lukt gelukkig ook. Al vrij snel zien we er twee bij elkaar en ook nog een derde die samen met een aalscholver staat. Daardoor zijn de verschillen goed te zien. Neeltje Jans is natuurlijk groot dus we zijn niet zomaar klaar. Op een ander deel van Neeltje Jans komt een mannetje slechtvalk pijlsnel langsvliegen.
Verder zit er ook nog een tapuit die even op de foto moet.
Ondertussen hebben we nog steeds geen kleine mantelmeeuw. Gelukkig levert de Roompot nog wel de enige (!) van de hele dag op. Een onvolwassen kleine mantel drijft tussen de andere meeuwen in het water. Mark weet nog een gebied dat een eindje lopen is maar leuke soorten op kan leveren. Onderweg zie ik een vreemde vogel vliegen. Is het nu een rover of toch een duif? Ik maak toch de anderen er op attent. Gelukkig maar, Mark herkent er een smelleken in. Dat past ook wel bij de verwarring met een duif, de vogel heet niet voor niets Falco Columbarius (duifachtige valk in het latijn), een goede naam! Na een eindje lopen komen we bij het gebied uit wat Mark bedoelde. Omringd door een aantal bomen is daar een rietveldje en daar gaan we nu heen. Het gebied zelf levert niets op maar des te meer vliegt er boven. Een overvliegende boerenzwaluw is op het nippertje niet de enige van de tocht. Een overvliegende grote gele kwikstaart is wél de enige van de tocht. Op de terugweg voert de weg langs een hele haag van bosjes die in het voorjaar altijd goed zijn voor feno-soortjes. Mark denkt een gekraagde roodstaart te zien. Als we hem daarna nog eens zien is zwarte roodstaart zeker ook een mogelijkheid. Edward loop terug om de vogel nog een keer op te laten vliegen. Volgens Mark zou de vogel nu in theorie uit de struiken moeten vliegen om op de stenen bij het opslagterrein te landen. Dat is precies wat de vogel doet! Hij vliegt daarna ook weer door maar we hebben hem lang genoeg gezien om zeker van onze zaak te zijn: een zwarte roodstaart! Ook twee overvliegende grote zilverreigers  zijn nieuw voor de daglijst.
Plotseling worden we opgeschrikt door een zogenaamde ringtail. Een vrouwtje of juveniele blauwe, grauwe of steppekiekendief. Helaas kan Mark met behulp van de telescoop er niets anders van maken als een blauwe kiekendief. Met al die waarnemingen van steppekieken door het hele land hadden we er natuurlijk een beetje opgehoopt, een blauwe kiekendief is natuurlijk evengoed een goede soort voor de daglijst. Even later staan we weer op de weg. Een eigenaardig trillerig roepje klinkt uit de struiken, vuurgoudhaantje! Al snel krijg ik dit fantastisch mooie vogeltje in de scoop (tussen twee haakjes, sinds vorige week zaterdag heb ik een nieuwe: Een Swarovski STM 65 met Swarovski 25-50 oculair. Voor die tijd mocht ik gebruik maken van de Bynolyt die ik leende van Merien van Loo waarvoor hierbij, veel dank!) Een paar foto’s van het vuurgoudhaantje maken lukt helaas niet maar dat maakt de waarneming er niet minder op. Voor Edward is het een nieuwe Bevelandsoort en voor mij een nieuwe jaarsoort. Als we weer bij de auto zijn denkt Mark een gors in de struiken te zien zitten. Snel wordt de al in de auto gegooide telescoop opgezet en… huismus! Dit is dus absoluut geen gebied waar je snel een huismus verwacht! Toch kunnen we er niets anders dan een vrouwtje huismus van maken. Een heggenmus gaat er naast zitten. Toch is het een nieuwe voor de daglijst, nummertje 78.
Als we terugrijden zien we een aalscholver zwemmen vlakbij de kant. “Zou dat geen kuifaal zijn?” vraag ik me hardop af. Lang hoeven we niet te raden. De vogel duikt met de kenmerkende sprong onder water. Absoluut een kuifaal. Snel wordt de auto er geparkeerd. De vogel zit te worstelen met een zelfgevangen vis en dat levert een voor mij erg leuke foto op.
Hierna gaan we naar het Veerse Meer en met name de Haringvreter. Mark ontdekt al snel een ver paapje. Opnieuw een nieuwe erbij voor de daglijst. Ik denk een kleine zilverreiger te zien maar dat blijkt een lepelaar te zijn. Gelukkig zit daar vlak bij wel een kleine zilverreiger. Vanuit de bomen worden enkele beruchte missoorten gehoord en gezien. De eerste is een groene specht die we horen, de tweede is een groep staartmezen die we horen en zien. Helaas zien we geen grote Canadese gans en dat zal de grote misser van deze toch blijken te zijn. Bij een ander deel van het Veerse Meer komen wel middelste zaagbek, geoorde fuut en waterhoen op de lijst. Een leuke soort daar is zijn twee krombekstrandlopers. De grote zaagbek die Mark en Edward daar al eerder zagen laat zich helaas niet meer zien. Met andere soorten er bij is de lijst inmiddels gegroeid naar 90. Bij Geersdijk wordt opnieuw een stop gemaakt. Ditmaal bij een slootje om een ijsvogel te scoren. Helaas zien of horen we die niet. Op het nippertje levert deze stop toch een nieuwe soort voor de daglijst op namelijk een rietgors die Edward hoort. In het dorp Wissenkerke wordt het toch eens tijd om de huiszwaluw op de daglijst te krijgen en dat lukt gelukkig ook. In het centrum van Wissenkerke ontdekt Edward twee huiszwaluwen. Inlaag de Keihoogte levert helaas niet de gehoopte Grote Geelpootruiter op maar wel pijlstaart, wintertaling en tafelleend. Vlak voor we weggaan check ik nog één keer het plasje, gelukkig maar, daar staat de enige witgat van de bigdaylijst! Als we bij de auto staan en we al ingestapt zijn komt er een interessante melding binnen. Een bladkoning bij Neeltje Jans! De vogel zit in een gebied waar wij normaal ook naar toe zouden zijn gegaan als we de gekraagde roodstaart nog niet zouden hebben. Nu gaan we er natuurlijk wel naar toe. Dankzij een belletje met de ontdekkers Kees en Rina Renes weten we precies waar we moeten zijn. Al snel rijden we op Neeltje Jans en kunnen we richting de bladkoning gaan lopen. Onderweg komen we nog een mooie groep van ongeveer 5000 spreeuwen tegen.
De hele dag door zien we trouwens veel spreeuwen. Als we bij de plaats van bestemming aankomen is de vogel even niet te horen of te zien. Gelukkig duurt het niet lang of de vogel roept één keer heel duidelijk. Een nieuwe jaar- en Bevelandsoort binnen! Het lukt ook nog om de vogel kort te zien. Daar komen we ook Niels de Schipper nog tegen. Die heeft ’s ochtends bij Oranjezon nog een overvliegend euro’tje gezien. Na de bladkoning kunnen we weer terug. Als we weer op Noord-Beveland gekomen zijn stelt Mark voor om even op de dijk bij het Waterhoefje over zee te kijken. Dat blijkt een goede keus. Al snel ontdekt Mark op de zandplaat een zittende visarend. Een heel tijdje later ontdekt ik ook op een paaltje op diezelfde  plaat een tweede. Verder kunnen we daar de broodnodige  zeesoortjes intikken als zilverplevier, bonte strandloper en drieteenstrandloper. Verder zit daar ook een soort die we alle drie verrassend genoeg, vergeten zijn, een bergeend! Hierna zitten we al op 103 soorten. Het gaat lekker zo! De grootste missers tot nu toe zijn grote Canadese gans en knobbelzwaan. Gelukkig wordt bij de ’s-Gravenhoekinlaag één van die missers opgeruimd. Edward ontdekt achterin de inlaag een knobbelzwaan. Edward en Mark zagen vorige week nog een zomertaling in de ’s-Gravenhoek. Uit de Wanteskuup komen een heel aantal ganzen en eenden. De eenden zijn welkom, de grauwe ganzen wat minder. Gelukkig komt er ook nog een heel goede soort uit de Wanteskuup. Mark determineerd hem al als hij langs vliegt, zomertaling! De vogel strijkt neer en laat zich goed bekijken.
De ’s-Gravenhoek heeft het soortentotaal op 105 gebracht. In ieder geval nummer 106 hopen we bij het Bokkegat te scoren in de vorm van een boomkruiper. Al snel zijn we ter plaatse en gaan we naar het bos bij het Bokkegat. Onderweg komt nog een groene specht langs vliegen. In het bos horen we echter niets. Opeens vliegt is er een valkje tussen de bomen door te zien, een boomvalk! Nu hebben we alle niet zeldzame roofvogels compleet: havik, sperwer, torenvalk, slechtvalk, boomvalk, smelleken, buizerd, bruine kiekendief en blauwe kiekendief. Als we uit het bos lopen komt de boomvalk nog een keer fantastisch over. Nu is er ook de gelegenheid om leuke plaatjes te schieten.
Het blijkt een juveniele boomvalk te zijn. Als de valk weg is horen we opeens ook de bekende roep van de boomkruiper, mission completed! Met meer vogels dan we gedacht hadden lopen we terug. Nu wordt het toch opschieten, snel gaan we door naar de noordkant van het Bokkegat. Daar loopt niets, vlug door naar de Oesterput. Hopelijk vinden we daar een aantal van de nog ontbrekende soorten. Een groep grutto’s is goed voor nummer 108. Op de dijk ontdekt Mark nummer 109 in de vorm van twee zwarte sterns die we nu allemaal zien. Edward ziet 110 in de vorm van een regenwulp die tussen de gewone wulpen staat te poetsen.
Snel door maar weer! Bij de Wanteskuup hopen we in ieder geval baardman en misschien ook bosruiter te zien. Daar zitten in ieder geval watersnippen en al snel wordt de bosruiter ontdekt. Een alarmroepje klinkt uit het riet. Al snel weten we de oorzaak: een kleine karekiet! De teller staat nu op 112. Dan klinkt het welbekende roepje van een baardman. Nummer 113 is binnen! Nog slechts één soort zijn we verwijderd van het Bevelandse record 114. We houden kort krijgsraad wat we zullen doen. We gaan voor het schor van Kats om daar rosse grutto en hopelijk ook kanoet te zien. Na een tijdje ontdekt Mark één rosse grutto. Het record is geëvenaard! Op de plaat van Kats hopen we de ontbrekende soort aan te vullen. Terwijl de laatste minuten wegtikken zoeken we koortsachtig de plaat van Kats af. Een rotgans met een lichtere flank blijk helaas niets bijzonders te zijn. Terwijl de laatste seconden verstrijken beseffen we dat een nieuw record er niet meer in zit. Zes uur, de Big Day is afgelopen. Een zeer goed dagresultaat behaald! Zoals het plan was wordt in restaurant de Kroon de Big Day besloten. Op een meegebrachte lijst kruist Mark ter controle alle soorten af om zo precies te weten of er niets dubbel geteld is. Hij komt uit op 113… Gelukkig! Mark had de bladkoning nog niet op de lijst staan. Even later kunnen we vol trots aan een bellende Corstiaan meedelen dat we 114 soorten gezien hebben. Even veel als hun winnende team! Toch een goede prestatie als je bedenkt dat bij Walcheren ongeveer vijf of zes teams meededen tegenover die ene van ons! Zeer tevreden wordt de avond afgesloten met een voor Mark, Edward en mij een Boerenomelet en voor Ilona frietjes met een frikadel. Jammer dat het record niet verbroken is, maar dan hebben we volgend jaar nog wat te doen! Zo zou het verslag geëindigd zijn als Corstiaan Beeke de Walcherse en Bevelandse lijst niet nog een keer herteld had. Walcheren kreeg er een soort erbij, maar wij ook. De boomkruiper stond niet op de kruisjeslijst en die hebben we wel degelijk gezien. Zo eindigen zowel Walcheren als Bevelanden toch met 115 soorten. Als nog is er een nieuw Bevelands record gevestigd!