zaterdag 30 april 2011

Een leuke koninginnedag!

Terwijl de rest van de fam naar Thorn ging ging ik met Edward en Mark naar Breskens. Daar heb ik geen spijt van gehad! Om vijf uur haalde Edward me op bij de stoplichten. Daarna was het even zoeken naar het tolplein maar om half zes konden we toch met Mark wegrijden van het tolplein. Toen we bij Breskens uit de auto stapten werden we gelijk verwelkomd door een zingende blauwborst. Op de telpost staan veel oude bekenden. Al snel blijkt dat de gierzwalwuwtrek erg leuk wordt. Telkens komen groepjes gierzwaluwen soms vlak over onze hoofden.
Nadat we een poosje op de telpost gestaan hebben en de gewone soortjes een beetje langskomen klinkt opeens een schreeuw: "Reuzensterns!". Ik doe heel wat moeite om ze te zien te krijgen maar helaas kan ik ze niet vinden. Wat chagrijnig kijk ik weer verder naar de andere gewone soortjes die langs komen vliegen. Al vrij snel wordt duidelijk dat er mogelijk een nieuw dagrecord voor bosruiter inzit. Voor het eerst in de geschiedenis van Breskens worden er namelijk bosruiters getikt.
Dan wordt er geroepen: "Temmincks strandloper!" Vlak voor de hut komt pijlsnel een temminckje langsvliegen een leuke telpostsoort. Het is Corstiaan die de eerste volgende nieuwe soort voor mij vindt. Sterntje door het binnenland! Een lachstern! Hij komt super mooi langsvliegen langs de boerderij en daarna richting de camping.
Langs de boerderij komt overigens ook nog een mooie adult zwartkopmeeuw. Een groepje van vier dwergmeeuwen is ook het vermelden waard.
Helemaal leuk wordt het als in dat zelfde uur nog een lachstern langs komt vliegen zij het dan wel wat verder landinwaarts. Het staat maar niet stil. Nauwelijks zijn we uitgekeken op de lachstern of er wordt geroepen: Morinellen! Recht over de post komen drie adulte vrouwtjes morinelplevier overvliegen snel kan ik nog één recordshot van alweer een nieuwe soort maken.
In het volgende uur doen de bosruiters en gierzwaluwen het nog steeds goed. Het Breskens dagrecord is allang verpulverd maar we proberen ook het landelijk dagrecord bosruiter te kloppen. Dat staat op 101. De groenpoten en kemphanen vliegen ook lekker door. 
Opnieuw wordt weer een krent ontdekt. Noordse stormvogel ver over zee! Gelukkig mag ik bij iemand door de scoop kijken. En kan ik alweer een nieuwe soort begroeten. Aan het einde van dit uur hebben we het landelijk dagrecord al verbroken en dat gaan we in de komende uren zelfs meer dan verdubbelen. "Rode wouw bij de jonge aanplant!" wordt er geroepen. Even later kan ik hem ook oppikken en is hij leuk te zien. Hij is helemaal mooi als ik even door iemands anders telescoop mag kijken zodat ik hem goed kan zien. De vogel vliegt ongeveer tot de kerktoren van Groede. Als hij daar vliegt kan ik nog een leuk plaatje maken van een 'vogel in het landschap'
Hij landt zelfs in de akker en gaat daar een stukje wandelen! Ook een manier van trekken! "Grote pieper!" wordt er geroepen. Hij is ingevallen. Daar gaan we op af. Gewapend met ontgrendelde fototoestellen lopen we er op af. Even voor de plek waar de pieper is ingevallen vliegt hij ook luid roepend weer op. Nu is duidelijk het huismusachtig roepje te horen en valt de groottte ook extra op.
Terug op de post horen we dat hij weer is ingevallen en te zien is. Door de telescoop zien we hem inderdaad, wel ver weg, maar onmiskenbaar in het weiland. Na een paar minuten houdt hij het voor gezien en gaat voorgoed weg. Het spektakel is nog niet afgelopen. Terwijl ik een zomertortel aan het fotograferen ben wordt er een ortolaan gehoord. Doordat ik net met mijn hoofd in de wind stond hoor ik die helaas niet. Jammer maar na de drie ortolanen van vrijdag heb ik niet te klagen. De zomertortel staat gelukkig goed op de foto.
"Wielewaal over zee!" wordt er geroepen. En eindelijk kan ik na het missen van alle wielewalen tot nu toe ook mijn eerste wielewaal oppikken. Hij is zo ver niet of ik maak toch een paar recordshots.
Het is een vrouwtje. In het volgdende uur zien we ook het mannetje en doen de gierzwaluwen het nog steeds erg goed. Zoals gewoonlijk vliegen de kwikstaarten ook lekker door. Ik kan eindelijk mijn eerste foto maken van een noordse kwik.
Opeens klinkt er weer een roep: Grauwe kiek! Een mooi mannetje grauwe kiekendief is door de telescoop schitterend te volgen. Alle kenmerken zijn te zien. We vervelen ons niet! De roofvogels zijn leuk deze ochtend. Behalve de rode wouw en grauwe kiek komen er ook nog boomvalken, smellekens en sperwers langs.
Een hele tijd later roept Mark "Reuzenstern!". Eindelijk kan ik nu ook twee reuzensterns bijschrijven. Ze komen mooi dichtbij door de branding langs.
Wat andere sterntjes als zwarte sterns en een visdief komen nog dichtbij langs.
In de verdere uurtjes komt er niet veel spectaculairs meer bij. Omdat we al af hadden gesprokendat we om 1 uur weg zouden gaan doen we dat ook. Eerst gaan we naar de Blikken om daar de kraanvogel en stelkluten te zien. De kraanvogel zien we al snel.
Terwijl we daar nog naar staan te kijken roept Mark: "Witwangstern!". Snel springen we uit de auto. Helaas zien Edward en ik hem niet meer. We ontmoeten ook Pauline van der Staaij die verteld dat de steltkluten erg mooi te zien zijn. Dat klopt als wij bij de hut zijn zit op ongeveer twee meter afstand een prachtige stelktluut! Een hele mooie nieuwe soort! Hij laat zich ook nog eens goed fotograferen. In totaal zien we vier steltkluten. Twee mannetjes en twee vrouwtjes. 
Het is een erg leuke hut bij de Blikken veel steltjes komen dichterbij. Een oeverloper laat zich ook nog leuk zien.
Na de Blikken moet Mark weg dus gaan we eerst naar de tunnel, daar stapt Mark uit en wij gaan verder. We zijn van plan om eerst bij Westkapelle te gaan kijken of er nog temminckjes lopen en daarna naar Oranjezon voor een dwerggans. Onderweg willen nog twee patrijzen op de foto. Dat genoegen doe ik hen natuurlijk graag.
Als we bij Westkapelle zijn zien we dat de temminckjes er niet lopen maar wel zijn er een stuk of 40 zwarte sterns. Ook zien we de daar broedende dwergsterns en grote sterns. Westkapelle is dus voor de doelsoort niet succesvol hopelijk hebben we bij Oranjezon meer geluk. Bij Oranjezon zoeken we ook nog even naar een fluiter maar die kunnen we niet vinden. Na het bos lopen we zoals gepland door naar de dwerggans. Er zijn heel wat soorten ganzen maar geen dwerggans. Nijlgans, indische gans en gauwe gans lopen er wel. Een uitstekend gezelschap voor een wilde dwerggans dus! We kunnen hem helaas niet vinden. Ik besluit om nog een klein stukje door te lopen zodat ik echt zeker weet dat de de dwerggans er niet zit. Ik doe het snel want eigenlijk moeten we naar huis. Tussen de grauwe ganzen zie ik een slapende gans. Er is weinig aan te zien behalve een opvallende flankstreep en een andere kleur bruin. Dit is zeker geen grauwe gans! Snel roep ik naar Edward dat ik hem misschien gevonden heb. Als de vogel de kop uit de veren haalt weten we het ook zeker: geel oogringetje en grote witte bles dat is een dwerggans! De vogel gaat ook nog een stukje lopen en foerageren dus er zitten een paar leuke bewijsplaatjes in. Omdat de batterij van mijn camera leeg is mag ik gelukkig met Edward z'n toestel wat plaatjes schieten. Zo heb ik toch nog bewijsplaatjes van deze mooie gans. Wild of niet. Met deze soort sluiten we een leuke koninginnedag af. Op naar huis!

zaterdag 23 april 2011

Een mythische soort binnen!

Als ik terug kom uit de kassen kijk ik zoals gewoonlijk even op dutchbirdalerts. Meteen knallen twee vogels er uit. Een schreeuwarend en een Ross' meeuw! De schreeuwarend was op een telpost dus daar besteed ik verder weinig aandacht aan. De Ross' meeuw is een andere geval. Hij is tp bij het Hollands Diep! Een snelle blik op Google Maps leert mij dat hij  op minder dan een uur rijden hier vandaan zit. Meteen ga ik wat mensen bellen. Gerard Troost gaat niet, Edward gaat niet, Marc is aan het werken en heeft ook geen vervoer en als ik Mark Hoekstein bel hoor ik dat Ies Meulmeester al weg is, daar kan ik dus ook niet mee mee. Wat ontmoedigd besluit ik eerst maar eens friet te gaan eten en er vanmiddag bij de Biezelingsche Ham een leuk middagje van te maken. Na het eten klinkt de vlooienmars uit m’n broekzak. Pim Wolf belt me. Hij had gehoord van Mark dat ik er graag mee wil. Of ik over een kwartier bij de carpoolplaats aan de ’s Heerhendrikskinderendijk kan zijn. Dat moet wel in orde kunnen komen. Gelukkig kan mijn moeder mij brengen en even later begroet ik Pim Wolf, Peter Meininger en Jaap Kolijn bij de carpoolplaats. We rijden meteen weg. Op de Zeelandbrug krijgen we een ontmoedigende piep: de vogel is het Hollands Diep opgevlogen en uit beeld. We laten de moed echter niet zakken, hij zal vast wel terug komen! Onderweg over van alles en nog wat pratend kom we uiteindelijk bij Willemstad aan. Ik probeer discreet te zijn dus de precieze inhoud van de gesprekken zal ik niet weergeven want dan mag ik natuurlijk nooit meer mee! Het was wel er gezellig! Iets kan ik natuurlijk wel zeggen: de lachtstern van vanochtend op Bresjes wordt bejubeld (en door mij betreurd) en Peter wordt het nog eens flink door Theo ingewreven dat de bijenexcursie (waar Peter dus niet mee mee was gegaan) toch wel erg de moeite waard was. Door de telefoon zet Theo’s kind een flinke keel op waardoor Peter verschrikt in z’n spiegeltje kijkt of er geen ambulance achter hem zit. Theo vraagt dan ook of we zijn kind ook horen. Pim antwoordt bevestigend. Zelfs Jaap en ik op de achterbank menen boven de bulderende wind een vaag loeiend geluid te vernemen… Maar goed, we zijn dus in Willemstad en daar moet gevogeld worden! Op een pier installeren we ons en beginnen het Diep af te turen. Na een hele tijd denkt Pim hem te zien invallen. Als dat zo is moet binneneen minuut een piep komen. Nauwelijks is er een minuut verstreken of we horen het bekende signaaltje. Hij is terug. Ja, dat is we leuk maar weg kunnen we nog niet. Peter is nog bezig met cullinaire dingen en is dus nog niet terug van de snackbar. In de tussentijd praten we wat met Norman van Swelm. Pim weet met veel gevoel een verhaal te vertellen dan op bovengenoemde persoon betrekking heeft. Op een zekere dag stapte Norman namelijk een bakkerij in en zei “Juffrouw, doet u mij van alles maar twee…” Als verdediging weet Norman nog aan te voeren dat de oude Meininger achter hem stond maar zonder dat detail klinkt het verhaal een stuk smeuïger. Vandaar dat dat in de meeste gevallen weg wordt gelaten… Peter is voor zijn doen redelijk snel terug met een aantal frituurproducten. Snel stappen we in en gaan op weg. Onderweg bedient Pim zichzelf en ons gul van de door Peter meegebrachte friet met stoofvlees. Peter heeft toch wel een goeie smaak! Als we het bakje half leeggegeten hebben lukt het Peter om ook een paar frietjes te pakken te krijgen. Met de aanwijzingen van Theo komen we, onderweg enkele verbodsborden negerend, toch vrij vlot op de plaats van bestemming aan. Het duurt even voor we de ingang van het gebied gevonden hebben maar uiteindelijk lopen we toch op het schelpenpad richting de Ross’ meeuw. Onderweg komen we nog andere vogelaars tegen die ons weten te vertellen dat hij er nog zit en erg mooi is. Snel verder dus! Als we er bijna zijn richten we de kijkers alvast. Een meeuwtje valt gelijk op: Bingo! de Ross’ meeuw is binnen! Als we de telescopen opgesteld hebben kunnen we het Arctische meeuwtje pas echt de aandacht geven die het verdient. Een zwart snaveltje, lichte bovendelen, een sternachtige bouw, roze zweem op de borst: kortom een hele mooie vogel! Als ik wat ben uitgekeken besluit ik te gaan investeren in goede plaatjes. Ondertussen gezellig pratend met andere vogelaars kan ik toch wat plaatjes maken waar ik zelf erg tevreden over ben. Leuke bijvangsten zijn een bosruiter als nieuwe jaarsoort, enkele temminckjes en een stuk of 500 daar nestelende oeverzwaluwen. Als we echt helemaal klaar zijn vertrekken we weer, met een schitterende soort en leuke foto’s op zak!

Op de terugweg besluiten we om de ringsnaveleend  van de Krammersluizen nog te doen. De vogel heeft zich verplaatst naar een vogelkijkhut dus daar gaan we naar toe. Het duurt even voor we hem gevonden hebben maar uiteindelijk heeft Pim hem in de scoop. Niet lang daarna staan we er met z’n allen naar te kijken. Voor Jaap is het nog een nieuwe soort dus die heeft twee nieuwe dwaalgasten op één dag. Bij Pim zijn de laatste vogels waarbij dat lukte de haakbek en de westelijke blonde tapuit. Luxe hoor! Ik hoor nog een andere prettige mededeling. Één van de duinpiepers gisteren op Breskens blijkt een grote pieper te zijn. Een nieuwe soort! Op de terugweg doen we de Wanteskuup en het Bokkegat nog maar de grote geelpootruiter laat zich niet meer zien. Wel drie zomertalingen en veel gele kwikken. Als we uiteindelijk weer bij de carpoolplaats zijn kunnen we terug kijken op een volkomen geslaagde middag!

Goeie Breskens dag!

Van de week zag ik op windguru dat het voor vrijdag een hele goede wind zou worden voor Breskens. ZO/OZO 3. Nu kan ik natuurlijk met de trein gaan maar dan kom ik waarschijnlijk erg laat aan. Dus bel ik Marc op om te vragen of ik bij hem kan logeren. Dat kan. Het heeft wat voeten in de aarde maar uiteindelijk ben ik dan toch in Middelburg. We gaan meteen slapen. We hebben kwart over vijf afgesproken bij Corstiaan. Daar zullen we mee mee rijden. Drie kwartier van te voren gaat de wekker af. We maken ons klaar en even later zitten we bij Corstiaan in de auto op weg naar Breskens. Als we daar zijn aangekomen is de eerste dagsoort die we op kunnen schrijven een sprinkhaanzanger. Verder horen we ook nog een koekoek en vliegt het gebruikelijke spul een beetje rond. Leuker wordt het als Corstiaan bij het licht worden een reiger ontdekt. Even later heb ik hem ook in de kijker. Er wordt een purperreiger van gemaakt. Erg leuk! Een nieuwe jaarsoort! De graspiepers vliegen ons ook al om de oren. Het precieze dagtotaal weet ik niet precies maar ik vermoed dat het zeker in de duizenden loopt. Als nieuwe jaarsoort voor mij worden er over zee meerdere regenwulpen gezien.
Nadat ik een eerste gemist heb laten een redelijk aantal anderen zich leuk bekijken of fotograferen.
Behalve graspiepers vliegen er ook de nodige boompiepers over. Verder dient zich nog een nieuwe jaarsoort aan in de vorm van drie dwergsterns. Een kneu vliegt over en de boertjes en giertjes vliegen ook goed.
De gierzwaluw is een nieuwe jaarsoort. Dan wordt de eerste krent ontdekt. "Rover!" roept iemand. En even later: Visarend! De meesten hebben hem even later gevonden maar ik kan hem maar niet ontdekken. Gelukkig zie ik hem nog even langs de elektriciteitsmast vliegen en kan hij toch op de jaarlijst. Meerder tapuiten worden ook gezien. Een vrouwtje op het pad en ook nog zeker acht in totaal op het dak van de schuur. Valkje! Wordt er opeens geroepen. Boomvalk! Gelukkig kan ik deze wel snel vinden en even later zit ik naar weer een nieuwe jaarsoort te kijken. Stil! Wordt er een tijd later geroepen. Een huismusachtig roepje wordt gehoord. Dat kan maar één soort zijn: Duinpieper! Na deze krent dienen zich ook nog huisjes en oevertjes aan (de hele dag door trouwens).  Ondertussen vliegen ook meerdere beflijsters rond. Dat is ook een nieuwe jaarsoort. Eentje gaat kort in de de struiken voor de telpost poseren. Erg mooi!
Peter Meininger ontdekt op het dak van de boerderij een rouwkwik. Verder vliegt er op zee nog een zwarte zee-eend. Corstiaan ontdekt weer een nieuwe jaarsoort voor mij: een zomertortel! Later op de dag komen er nog meer langs waarvan er eentje zich laat fotograferen.
Op zee foerageren visdieen en grote sterns. Een groep steltjes wordt ontmaskerd als kemphanen. Ook zit er op zee een paartje wintertaling. De hele dag door vliegen de putters goed. Na een tijdje wordt er weer een voor iedereen niuewe jaarsoort ontdekt: een grauwe vliegenvanger die in de populieren achter het witte huis zit. Pim ontdekt een andere krent in de vorm van twee appelvinken die langs vliegen. Als zangvogeltjes worden nog een fitis en grasmus gehoord. Na een kleine zillie is het even rustig. Opeens lijkt er wat opwinding te ontstaan bij de groep aan de overkant van de weg. “Grote vos” hoor ik mompelen. Marc vraagt aan mij wat er gezien wordt. “Een één of andere vlinder, grote vos geloof ik” antwoord ik. “Grote Vos?!!” brult Pim naast me. “Die is hartstikke zeldzaam!” Met de hele troep vogelaars stormen we achter deze zeldzame vlinder aan. Het lukt me om hem even kort te zien voor hij achter een bosje verdwijnt. De bosjes worden afgestruind maar de vlinder laat zich niet meer zien. Met een zeldzame soort op zak gaan sommigen van ons terug naar de telpost. Niet lang daarna wordt er luid “Stil!” geroepen. Een zacht boompieperachtig geluid wordt gehoord. Daarna zien we een soort gorsje vliegen. Snel maak ik een paar foto’s. Op de foto’s is een rossig vogeltje te zien met naar het lijk een donkere kop.
Al die kenmerken passen precies op…. Ortolaan! Nieuwe soort binnen! Ook deze soort doet het goed want later op de dag mogen we ook nog een tweede en zelfs en derde verwelkomen. Hierna wordt er nog een aparte roep gehoord. Ik hoor hem niet maar wel zie ik de grote pieper met een lange staart langsvliegen. Ik kan zelfs even een bewijsplaatje gemaakt. In eerste instantie wordt hij bestempeld als duinpieper maar op basis van de geluidsopnamen van Pim blijkt het een grote pieper te zijn. Een nieuwe soort! Opnieuw dient zich een vreemd roepje aan . Koperwiekachtig…. De ervaren tellers weten direct waar ze mee te maken hebben: buidelmees! We zien hem invallen in het riet. Vlug worden de scopen gericcht. Het is even zoeken maar op den duur staan we toch allemaal naar een spetterende man buidelmees te kijken. Wat is ie mooi! Een zwart bandietenmasker, lichte kop en bruine bovendelen maken hem helemaal af. Als we wat dichterbij zijn kan ik een paar acceptabele plaatjes schieten voor hij weer op vliegt en verdwijnt.
Tussen de gele kwikken vliegen ook meerdere engelse gele. Één daarvan kan door mij opgemerkt worden en is daarmee weer een nieuwe voor de jaarlijst. Een onverwachte leuke soort is de patrijs waarvan er twee dichtbij over het pad vliegen. Zo zachtjes aan beginnen ook de rovers weer te vliegen. Een sperwer een buizerd en twee slechtvalken die door mij maar niet gevonden kunnen worden. Bij het zoeken naar de buizerd zie ik ze uiteindelijk toch. Een paar anderen komen aandragen met een kolossale rups. Een wilgenhoutrups volgens Peter.
Ies Meulmeester is goed bezig op Noord-Beveland, eerst had hij de lachstern van De Fonteintjes die wij misten en nu komt opeens Niels de Schipper in alle  staten van opwinding om te hoek van de telpost zetten. “Ik wil nu het atlasblok van de Wanteskuup! Een steppekievit ontdekt door Ies Meulmeester!” Meteen begint Pim z’n spullen in te laden. Wij willen ook graag gaan maar doen er wat langer over. Het duurt nog wat langer als er “ringtail!” geroepen wordt. Nu wordt het spannend met het steppekieken geweld van de afgelopen weken kan het zomaar dat wij er ook eentje hebben. Het is een beetje verwarrend als kort daarna een tweede kiek ontdekt wordt. Dat is een erg slank kiekje. Na wat discussie wordt hier een grauwe kiek van gemaakt. Die wil ik wel graag zien. Even later heeft Corstiaan ze in de scoop en kan ik een grauwe kiek als nieuwe soort bijschrijven. De eerste ringtail is nog steeds een spannend ding. We komen er niet uit wat het is. Daarvoor was ook al een zwarte wouw langskomen die ik gemist had. Nu komt er opnieuw een zwarte wouw langs. Ditmaal krijgt Corstiaan hem in de scoop en kan ik eindelijk deze levenssoort bijschrijven. De lichtgevorkte staart is goed te zien. Na deze soort besluiten we om toch maar eens weg te gaan. Bij Schoondijke krijgen we echter een ontmoedigend sms’je: de vogel is zojuist opgevlogen en uit beeld. Na wat nadenken besluiten we toch maar te kiezen oor een waarschijnlijk leuke Breskensmiddag i.p.v. een onzekere zoektocht naar de steppekievit. Als we aankomen duurt het niet lang of een belletje roofvogels wordt ontdekt. Wat een spektakel! Minstens drie zwarte wouwen, een rode wouw, een paar buizerds en enkele bruine kieken worden er uitgehaald.
Nu is de roofvogeltrek pas goed begonnen. Er gaat geen tien minuten vooribj of er wordt “Rover!”geroepen. Het is wel erg lastig om ze te ontdekken. Ze vliegen namelijk op minimaal 400 meter hoogte. Er komen veel sperwers langs, leuke krenten zijn een tweede en aan het einde van de middag ook een derde visarend.
Er komt weer een gele kwik voorbij. “Noordse gele!” wordt er geroepen. Ik krijg hem ook in de kijker en een nieuwe soort is binnen! Hij valt in maar hij is helaas  weer snel weg. Het is Jaap die de laatste knaller van de dag ontdekt. Terwijl we eerst keken naar een rovertje bij de vuurtoren (die een sperwer bleek te zijn) kijken we nu naar wat anders. Jaap is wat langer blijven kijken en enkele seconden later roept hij: “Kraanvogels bij de vuurtoren!”Inderdaad als we de verrekijkers en scopen richten zien we drie mooie adulten kraanvogel.
Vooral door de scoop laten ze zich goed bekijken. Ze klimmen hoger en hoger en uiteindelijk zijn ook deze vogels (met een spanwijdte van 2,2-2,4 meter!) uit het gezicht verdwenen. Eddy komt te laat om ze nog te zien maar dat wordt weer goedgemaakt als hij als enige een graszanger ziet. Met een schitterend koninginnenpage en de al eerder beschreven visarend wordt de dag afgesloten. Wat een ontzttend leuke trekdag! In de auto horen we dat het nog beter kan. Bij Oostende (België) is een aasgier gezien die richting Breskens komt. Gelukkig voor ons werd hij daar in ieder geval niet gezien. Anders sta je na zo’n leuke dag toch nog met een chagrijnig gezicht! Nu kunnen we terugkijken op een superdag!