maandag 30 april 2012

Bevelandse voorjaars Big Day 2012

Al een tijdje was ik van plan om ook eens in het voorjaar een Big Day te houden. Op de vergadering had ik het er over met Mark Hoekstein en Edward Minnaar en zij hadden daar ook wel zin in. Het was nog spannend of Mark mee zou kunnen en of we goed weer zouden hebben, maar alles zag er gelukkig goed uit. Mark kon mee en het weer werd goed. Vandaag is het dan eindelijk zo ver. Om drie uur 's nachts sta ik op. Om kwart voor vier komt Edward me ophalen Ilona gaat ook mee. Daarna halen we Mark op en als we de brug bij Kats over rijden kan de Big Day beginnen. Net als vorig jaar vogelen we alleen op Noord-Beveland en Neeltje Jans. We willen de tijd tot het licht gebruiken voor de nachtsoorten als uilen. Eerst gaan we luisteren bij de Wanteskuup of we een waterral horen. Helaas roept er geen waterral. Wel horen we roepende kuifeenden, een heel apart geluid! Daarna gaan we verder op Noord-Beveland nachtvogels proberen te doen. Bij een rietveldje horen we wel rietzangers, maar helaas nog geen blauwborst. Zo doen we nog een aantal gebiedjes. Het begint al iets lichter te worden en daarom moeten we opschieten. 


Bij de Goudplaat hebben we wat meer tijd ingepland. We willen bij het eerste licht daar zoveel mogelijk zangvogels 'doen'. Terwijl we nog in het donker daar stilstaan ziet Edward opeens een ransuil vliegen. Gelukkig kan ik hem ook nog net zien voor hij verdwijnt. Tegen onze verwachting in komt hij niet meer te voorschijn. Doordat Edward en ik hem gezien hebben is hij wel telbaar, helaas heeft Mark hem niet gezien. Van de overkant van het water horen we een koekoek roepen, die is niet telbaar want hij zit op Walcheren. Als we verder rijden stoppen we bij een stukje bos. Daar worden we begroet door een schitterend vogelconcert. Uit dat concert filtreren we aan nieuwe soorten tjiftjaf, fitis, vink, boomkruiper, tuinfluiter en zwartkop. Daarnaast horen we natuurlijk ook nog andere vogels, maar die hebben we al eerder gehoord. Een extra leuke soort is hier een luid roepende koekoek, je kunt hem maar hebben! Later blijkt dat dit de enige van de dag was... Aan het andere einde van de Goudplaat kunnen we ook heel wat nieuwe dagsoorten bijschrijven. Het begint met een zingende sprinkhaanzanger en daarna komen er nog heel wat andere nieuwe soorten. Een bruine kiekendief en bij het water wulp, regenwulp, groenpootruiter en een broedende grote mantelmeeuw. Van Mark hoor ik dat dit erg bijzonder is omdat er maar 20-30 broedpaar zijn in Nederland. Mijn eerste gierzwaluwen van dit jaar zie ik ook vliegen. Verder nog een roepende oeverloper, een overvliegende visdief en nog twee middelste zaagbekken. De rotgans is soort nummer 50 en daarom trakteert Mark op stroopwafels. Dat zal hij doen bij iedere 50 soorten dus we gaan natuurlijk proberen om minimaal de 100 te halen! We zien en horen hier nog meer, maar dat hoeft niet allemaal beschreven te worden. Het is al aardig licht en daarom moeten we richting de Wanteskuup voor trektellen. Er wordt kort getrekteld aan de andere kant van de Wanteskuup. Dat levert lepelaars, rosse grutto's en steenlopers op. Mark ziet nog in de verte eiders vliegen, maar het lukt ons niet om die te vinden. Als we bijna wegrijden zie ik nog de eerste tapuit van de dag zitten op een paaltje.
Onderweg naar de Wanteskuup staan we nog even stil bij een rietveldje voor blauwborst. Gelukkig zien we hem zitten en kunnen we door. Een kneu kan nog even op de foto gezet worden.
In de Wanteskuup zelf zit nog een pijlstaart als nieuwe dagsoort. Edward denkt een baardmannetje gezien te hebben, maar wij zien hem nog niet dus dat wordt geen nieuwe dagsoort. Daarna begint het trektellen bij de Wanteskuup. Het lijkt goed te beginnen met drie witgatjes, maar daarna is het niet erg veel. Wel een aantal leuke waarnemingen. Er komen twee oeverzwaluwen voorbij waarvan ik er één zelf zie. Spectaculair zijn twee of drie jagende boomvalken, met indrukwekkende duikvluchten maken ze hun medevogels het leven zuur. De onvermijdelijke boompieper wordt al snel gehoord evenals een groepje ringmussen. Op de plek van de boomvalken ontdekt Mark een velduil. Hij had daar al eerder een slechtvalk gezien, maar die zagen wij weer niet. De velduil zien we wel en ook heel mooi. De eerste 'krent' van de dag. Langzaam flappend vliegt de vogel de Schelde over. We horen een grutto roepen, gelukkig maar want het is de enige van de hele dag. Mark ontdekt een overvliegend bontbekplevier die wij gelukkig ook in de scoop krijgen. Mark ziet ook een baardmannetje in de Wanteskuup en die gaat dus ook na de waarneming van Edward officieel op de daglijst. Alleen ik heb hem nog niet gezien. Een kleine zilverreiger komt langsvliegen.
Dat is fijn, want hij was niet echt zeker. Een grote stern komt ook langs, maar daar hadden we wel meer kans op. 
Mark ontdekt ver een adult man blauwe kiekendief. Natuurlijk wel een mooie vogel, maar helaas geen steppekiek zoals we hadden gehoopt. Ik ontdek zelf drie zwarte sterns die ook op gepaste afstand langsvliegen. Een tijdje later ontdekt ik een klein valkje gelukkig kunnen Mark en Edward hem snel oppikken. Terwijl ik nog kijk denk ik al aan een sperwer, maar Mark maakt er een smelleken van. Een goede soort voor de daglijst! Mark ontdekt een andere nieuwe voor de daglijst in de vorm van een adulte zwartkopmeeuw die het binnenland invliegt. Hier klinkt het alsof we veel zien, maar in werkelijkheid komt er vrij weinig langs. Daarom besluiten we om naar een inlaag te lopen om knobbelzwaan in te tikken. Op weg daar naar toe horen we een kleine plevier. De knobbelzwaan zit er en we kunnen terug. We gaan nu wat inlaagjes doen om daarna door te gaan naar Neeltje Jans. Als we bijna bij het schor Oesterput zijn die ik opeens een roodborsttapuit zitten. Tenminste, dat denk ik, maar als ik de anderen er op attent maak wordt er een adult mannetje paapje van gemaakt! Met de auto kunnen we goed dichtbij komen en de vogel is schitterend te bekijken. Hij is in vol zomerkleed en omdat het ook nog eens een mannetje is ziet dat er heel goed uit.
We nemen de tijd voor een paar foto's, maar daarna moeten we door, het is tenslotte een Big Day! Bij de Oesterput ontdekt Edward nog één kanoet, die is nieuw voor de daglijst. Iets anders leuks bij de Oesterput is een visdief waarvan ik snel een paar plaatjes kan schieten, maar achteraf zijn die nog best goed geworden.
Het Bokkegat is extreem leeg. Geen grote geelpootruiter dus, er zitten een paar zwarte ruiters, maar verder geen steltjes. Dan maar door naar Neeltje Jans. Als we Neeltje Jans oprijden zien we vanuit de auto twee overvliegende dwergsterns, ook weer zo'n soort die je maar beter gezien kunt hebben. We gaan eerst lopen naar de hut om daar te kijken of er wat leuks zit. We komen langs een aantal eiders die ik goed op de foto kan zetten. 
Wat een mooie eenden zijn het toch! Op een dijkje aan de andere kant van het water ontdekt Mark een witbuikrotgans, een welkome aanvulling op de daglijst. Bij de hut vliegen bij onze aankomst drie late kramsvogels weg. Ook een welkome aanvulling! Bij de hut zit niks nieuws, wel worden we belaagt door de muggen. Uiteindelijk gaan we terug. Nu lopen we niet over het pad, maar over het land naast het pad. Zoals iedere keer valt het op dat het land een echte gatenkaas is door alle konijnen die er hun intrek in hebben genomen. Er zitten wat tapuiten, maar opeens vliegt er een leeuwerik weg en ploft midden in een struik. Het gedrag en het gebied zijn atypisch voor lveldeeuwerik en daarom gaan de alarmbellen af. Ik heb hem goed kunnen volgen met de verrekijker en mij leek het toch gewoon een veldleeuwerik, maar uiteraard laat ik me ook graag verrassen. Voorzichtig lopen we dichterbij. We staan een poosje te wachten of de vogel er uit wil komen, maar dat wil hij niet. Mark besluit uiteindelijk om hem er uit te halen. Dat heeft succes want de vogel vliegt op en gaat een eindje verder weer midden in een struik zitten. Ik heb ondertussen foto's kunnen maken, maar Mark heeft al gezien dat het inderdaad een veldleeuwerik is. Als we weer bij de auto zijn gaan we het andere deel van Neeltje Jans verkennen. Ook daar zien we weer mooie mannetjes eiders. 
Ons doel is echter om roodstaarten te zien. Het liefst allebei de soorten. Die zien we niet, maar wel zien we vanuit de verte een kwikstaart die mogelijk een rouwkwikstaart zou kunnen zijn. Als we dichterbij zijn komt de kwikstaart gelukkig nog een keer te voorschijn en we kunnen zien dat het inderdaad een rouwkwikstaart zit. De vogel gaat zitten op het hek en we kunnen mooie plaatjes schieten. 
Hij gedraagt zich heel apart door met zijn staart te wippen en nog andere dingen te doen. Het lijkt er op dat hij nogal territoriaal is. Hij is nieuw voor de daglijst als soort. Als soort inderdaad want op Waarneming.nl hanteren ze een ander systeem en dat is niet helemaal logisch. Het maakt van alle gele kwikken weer één soort en van de rouwkwikken en witte kwikken ook één soort. Vooral dat laatste vind ik persoonlijk grote onzin. Dat zijn echt wel twee verschillende soorten! Gelukkig gebruikt het CDNA wel het goede systeem.Helaas zien we verder echter geen roodstaarten. Wel komt er nog een nieuwe dagsoort bij in de vorm van een sperwer die uitgeleide gedaan wordt door de witte kwikken. Als we van Neeltje Jans af rijden zitten we op 111 soorten. We hebben nog aardig wat soorten voor de boeg die 'goed zouden kunnen', maar je moet ze wel eerst zien. De Schotsman gaat het hopelijk helemaal goedmaken. Als we bij de Schotsman zijn stoppen we vroeger dan gepland doordat Edward staartmezen hoort. Het duurt gelukkig niet lang of wij horen hem ook en hij kan op de lijst. Schotsman Oost is lastig begaanbaar door de braamstruiken en duindoorns en ook is het nogal drassig. Gelukkig komen we er wel doorheen. Met de soorten zit het nog niet mee. Over een open stuk gaan we langs de 'oerossen' en we lopen nu op Schotsman Noord. Aan alle kanten horen we nachtegalen en andere vogels. Helaas nog geen goudvinken. Opeens horen we een ander geluid Edward herkent het meteen als spotvogel. Als de vogel nog een keer zingt bevestigt Mark het ook. Ik houd wijselijk mijn mond omdat ik de spotvogel nog maar één keer gezien heb en heb horen zingen vorig jaar. Dit is echter absoluut een spotvogel. Het is erg vroeg voor een spotvogel en daarom gaan we het struikgewas binnen voor een foto. Terwijl we daar zo staan komt er een roofvogel naar ons toe zweven, zwarte wouw! Eindelijk hebben we dan toch een wouw. Toevallig maakte ik enkele minuten geleden nog de opmerking dat wanneer er geen goede Breskensdagen meer kwamen, ik mogelijk alleen de grijze wouw op mijn lijst zou hebben. Dat zal nu in ieder geval niet meer gebeuren! De vogel komt steeds dichter naar ons toe en het is duidelijk te zien dat het een zwarte wouw is. Door het tegenlicht maak ik vooral silhouet plaatjes, maar door bewerking in het veld en thuis kun je al iets meer zien. 
Na deze twee leuke onverwachte soorten gaan we tevreden verder. Het word nog leuker... Als we over het pad lopen duikt opeens een bruin vogeltje aan de linkerkant van het pad op. De kijker er op: draaihals! Ik ben heel erg blij want het is een nieuwe soort en een hele mooie! De vogel vliegt om laag en laat zich leuk zien tussen de madeliefjes.
Hij foerageert tussen het gras en terwijl hij dat doet sluipen wij dichterbij voor een foto. 
De vogel laat ons niet zo ver komen en vliegt op. Dan blijkt dat hij voor ons niet zo bang was want hij vliegt om ons heen en gaat dichterbij dan daarnet in een boom zitten. Door de verandering van licht is de foto donkerder, maar de draaihals is wel beter te zien.
 Als hij daarna nog een keer wegvliegt en een eindje verder weer gaat zitten laten we het voor gezien. Er moet nog een Big Day gehouden worden! Als we weer op het asfalt lopen praten we na over wat we gezien hebben. De Schotsman heeft het inderdaad goed gemaakt! Het is echter nog niet voorbij, zwak maar onmiskenbaar horen we eindelijk een kleine karekiet zingen! Dit is vast een doortrekker want er is hier amper of helemaal geen riet. Totaal onverwacht, maar wel nieuw voor de daglijst!

Als we wegrijden zitten we op 116 soorten, het oude Bevelandse record dat ons team vorig jaar heeft gehaalt van 115 is dus verbroken. Bij de Banjaard gaan we opnieuw goudvink proberen. Als we daar staan zien we geen goudvink maar wel komt er opnieuw een zwarte wouw aancirkelen. Hij is ver weg, maar op de foto is toch te zien dat het een ander exemplaar is dan daarnet. We hebben er dus al twee! Iets wat ook heel erg leuk is zijn maar liefst vier braamsluipers in één struik, die, geheel tegen hun gewoonte in, zich heel goed laten bekijken. De foto's lukken daarom ook aardig. 
Er zijn echter nog geen nieuwe soorten, Edward maakt ons attent op een duifje op een tak. Het is inderdaad een tortel, maar is het ook een zomertortel? Dat is het! Mark bevestigt dat het er inderdaad één is. Onverwachts dus toch weer een nieuwe soort erbij. Nu zal het toch moeilijker worden. Aan de andere kant van het Bokkegat hopen we in een weiland grote lijsters te zien. Helaas werken ze niet mee. Een meevaller is wel een roepende havik in het bos daar. Nu zitten we dus op 118 soorten, drie soorten boven het oude record, maar er zou meer uit te halen moeten zijn. In de 's-Gravenhoekinlaag zit echter geen geoorde fuut, ook een door mij opgemerkte ringtail blauwe kiekendief is niet meer dan een blauwe kiekendief. Andere inlagen leveren ook niets op zodat het nu toch wel spannend gaat worden wat de volgende soort zal zijn. Inmiddels is het vier uur als Edward een sms krijgt dat een zwarte ooievaar onze kant op komt, weliswaar kwam de melding van Oos-Souburg, maar je weet maar nooit... In ieder geval is het onze beste kans op een laatste extra soort. We zitten twee uur, maar geen zwarte ooievaar verschijnt. Zo eindigt onze Big Day dus om 18:00 uur, de laatste uurtjes waren minder hectisch dan vorig jaar, maar we hebben toch een leuke Big Day gehad! Voor de volgende Big Days hebben we wel het voordeel dat we weten dat er meer uit te halen moet zijn. De 125 zouden we deze dag heel makkelijk gehaald kunnen hebben als een aantal soortjes beter hadden meegewerkt en het Bokkegat niet vol water had gestaan. Hoe dan ook, volgend jaar gaan we het vast verbreken!  



zaterdag 14 april 2012

Deel twee uitsterfgevallen...

Zoals ik in mijn vorige verslag al gezegd heb, ben ik vandaag van plan om samen met Edward naar Venlo te gaan. Voor mij is de hoofdsoort kuifleeuwerik en voor Edward is dat de Europese kanarie. Edward heeft de 'Euro' al vier keer geprobeerd, maar tot nog toe zonder resultaat. In Venlo moeten de kanaries zingend te zien en horen zijn en dat is Nederland erg leuk. Toevallig herinnerde ik me dat ik exact één jaar geleden ook op de tweede zaterdag van april de excursie naar de korhoenders deed. Dit uistapje houdt daar verband mee want de toekomst van de kuifleeuwerik in Nederland ziet er niet rooskleurig uit. Op een industrieterrein in Venlo leeft het laatst bekende paartje kuifleeuwerik en het ziet er naar uit dat de soort binnenkort in Nederland gaat uitsterven. Net zo'n geval als korhoen dus. Kuifleeuweriken vliegen wel eens langs bij Breskens, maar de verwachting is dat dat ook zal gaan minderen. Alle reden dus om deze kuifleeuweriken eens met een bezoekje te vereren. We hebben om zes uur afgesproken en om die tijd sta ik ook bij de stoplichten. Ik stap in en we rijden weg. Onderweg stoppen we nog even bij de Hogerwaardpolder om te proberen of we een snor kunnen horen. Dat lukt helaas niet. Daarna verloopt de reis vlot en na een paar uur rijden we het industrieterrein op.

Edward parkeert de auto en we gaan zoeken. We besluiten om eerst naar het douanekantoor te lopen omdat daar de leukste foto's gemaakt worden. Als we daar zijn zie ik al iets bruins op eens steen zitten. Ik richt de kijker er op, dat is hem! Helaas vliegt de kuifleeuw weg, maar we vinden hem al snel weer terug. De wederhelft van deze kuifleeuw is samen met hem aan het foerageren in een grasveldje. Helaas blijven ze niet lang zitten en vliegen ze over de weg. Daarna zien we ze nog even terug, maar ze verdwijnen al vrij snel. We zoeken nog wat zonder resultaat en we besluiten dat het beter is om eerst de Europese kanarie te gaan doen. De foto's zijn nog niet erg veel, als de Europese kanarie goed lukt is het plan om daarna nog even terug te gaan.

De Europese kanaries zitten in Blerick en dat is niet ver van het Tradeport waar wij vandaan komen. Het duurt dus niet erg lang of we zijn er. De auto wordt geparkeerd en we lopen naar de plaats waar we de meeste kans hebben. Ik loop al vast vooruit want halverwege kwam Edward er achter dat zijn I-pod nog in de auto lag. Opeens hoor ik een zang van de Europese kanarie, dat is wel heel snel. Het geluid klinkt achter me en ik kijk dus om. Helaas, Edward moest het geluid even uitproberen... Als we voorbij een boerderij lopen (met een zwarte roodstaart) horen we opeens wel iets wat de zang van een Euro zou kunnen zijn. Al snel wordt het duidelijker omdat we dichterbij lopen. Dit is er echt één! Uiteindelijk staan we onder de boom waar de Euro in zit te zingen. Het valt op dat het een vrij zacht geluid is. Helaas komt er een politieauto met loeiende sirenes voorbij stuiven en als we daarna weer kijken is de kanarie verdwenen. Gelukkig hoorden we nog een tweede zingen een daar lopen we nu naar toe. Helaas kunnen we die niet vinden. Als we daar staan horen we weer een kanarie zingen, nu weer op de plaats waar we eerst stonden. We lopen terug en al snel staan we weer waar we stonden. Aan een vrouw met een hond die langs komt lopen leggen we uit waar we naar staan te kijken. Met de foto's wil het helaas nog niet zo vlotten, dat komt omdat de kanaries helaas de gewoonte hebben om van een hoge zangpost te zingen. Als ze niet zingen kun je ze helaas moeilijk vinden. Uiteindelijk vliegt deze vogel ook weg, ik volg hem met de verrekijker en ik zie dat het vliegbeeld nog heel anders is dan van een sijs. Vorig jaar werden er namelijk twee langsvliegende sijzen op Breskens gedermineerd als Europese kanaries, maar nu zie ik dat dat echt niet klopte. Ik volg de vogel zo lang ik kan en uiteindelijk verdwijnt hij op de plaats waar we vandaan kwamen. We lopen dus weer terug. Op een akker naast de weg staat wat prei en het zou goed kunnen dat de vogels daar zitten te foerageren. Ik loop dus de akker op terwijl Edward blijft staan. Als ik een eindje te akker in ben gelopen zie ik dat Edward wat gebaren maakt om aan te geven dat hij een Euro heeft. Snel loop ik terug. De vogel zit waarschijnlijk in een rij naaldboompjes want daar loopt Edward langzaam naar toe. Ik kom van de andere kant. Helaas laat de Euro zich niet zien. We besluiten om hier te blijven wachten omdat we hier de meest kans hebben op een goed fotografeerbare Euro. Dat klopt, opeens zit er eentje voor ons op een redelijke hoogte. Helaas wel met wat tegenlicht maar het is toch de eerste waarbij we fotokans hebben. Ik maak een foto waarover ik, gezien de foto's van anderen, tevreden ben.
In de 'naaldheg' horen we weer een Euro roepen. We gaan door wat begroeiing naar de plaats toe. Als we beneden staan (de weg ligt wat hoger) kunnen we goed de plaats bekijken. Opeens zit er een Euro erg leuk op een uitstekende tak. Snel maken we wat foto's, eerst denk ik dat ze mislukt zijn, maar later zie ik dat eentje toch wel leuk is.
Verder komen er niet echt meer goede fotokansen wel zingen ze regelmatig vlak bij ons. Wat een leuk geluid! Uiteindelijk is het tijd om te gaan als we de kuifleeuweriken nog een keer willen doen en dat willen we. We gaan dus tevreden terug. We hebben leuke foto's en een geweldige waarneming. Bij Tradeport West vinden we opnieuw een kuifleeuwerik aardig snel, opnieuw op één van de stenen. Ik maak nu een foto, helaas blijft de vogel niet lang zitten en vliegt weg.
Ze zijn rusteloos die kuifleeuwtjes. Een andere man helpt ook mee zoeken. Edward en ik blijven op de plek waar we ze eerst hadden in de hoop dat ze terugkomen. Dat doen ze niet, maar wel vindt de andere man er twee op het grasveldje waar we ze vanochtend ook hadden. Al snel vliegen ze weg. Wij gaan weer zoeken... Terwijl we bij het benzinestation staan te overleggen waar we naar toe zullen lopen ziet Edward hem opeens op het dak zitten. Even kunnen we mooi het silhouet met de kuif zien, maar lang blijft de vogel niet zitten. Ze zijn niet echt makkelijk en ik begrijp nu waarom er zo weinig goede foto's van deze kuifleeuweriken zijn. Het lukt ons nog één keer om een kuifleeuwerik terug te vinden. Edwar ziet hem als eerste, opnieuw op de stenen bij het douanekantoor. Traditiegetrouw blijven ze niet lang zitten en vliegen weg. Ik kan gelukkig nog wel een paar leuke vluchtplaatjes schieten.
Tegen alle traditie in echter is er één zo vriendelijk om dichtbij te blijven en gaat hij op een vangrail zitten. Voorzichtig lopen we dichterbij. Het ziet er naar uit dat we eindelijk een goede fotokans hebben. Helaas lukt het niet om heel erg dichtbij te komen want een vrachtwagen komt langs en als hij weg is, is de vogel verdwenen. Gelukkig heb ik van grotere afstand ook al een leuke foto kunne maken.
Het is mooi geweest we gaan terug naar de auto. Ik heb leuke foto's van mijn eerste kuifleeuweriken. Gezien de slechte vooruitzichten zouden het wel eens mijn laatste kunnen zijn... Op de terugweg gaan we nog even langs de Hogerwaardpolder. Bij het Markiezaat lukt het niet om een klapekster te vinden, maar wel zien we de eerste voorbode van een naderende tour van Zeeland. We rijden snel het landweggetje in naar de Hogerwaardpolder, maar tot onze ontsteltenis komt de hele wielerploeg achter ons aan. Langs de weg staan een aantal toeschouwers en een man met een grote snor die ons zenuwachtig aanmaant om door te rijden. Die denkt dat we de hele tour in de war gaan schoppen. Edward moet het gaspedaal stevig induwen want als we vijftig rijden lopen de wielrenners nog op ons in... Snel zet hij de auto in de berm. Het duurt niet lang of de kopgroep is bij ons. Ik schiet nog snel een bewijsplaatje van de koploper. Dat is niet het enige een heel eind achter de kopgroep komt nog een groep met enorm veel wielrenners, daarachter komt nog een hele kolonnen auto's met fietsen erop. Het duurt even voor de hele stoet voorbij is. Ondertussen gaan we op de 'Amerikaanse oeverloperplek' zoeken naar zomertalingen. Die vinden we niet, maar wel Edwards eerste groenpootruiter van het jaar en mijn eerste tapuiten. Daarna gaan we naar huis. Dit tochtje is geslaagt!

donderdag 12 april 2012

Wouw!

Mijn vorige bericht heb ik vandaag pas geplaatst. Hoewel het zaterdag gebeurt was had ik nu het verslag pas af. Door het schrijven kom je natuurlijk weer een klein beetje in een dipstemming. Zou dat zaterdag weer helemaal goed komen? De dag verloopt als alle andere donderdagen met uitzondering dan dat het soms keihard regent. Gelukkig is dat over als ik naar huis ga. Thuis drink ik eerst koffie en ik doe nog wat andere dingen dus het duurt even voordat ik op de computer ga. Als ik de dutchbirding site bezoek moet ik even slikken... Grijze wouw! Het meest ben ik nog onder de indruk van het atlasblok dat begint met 45, dat moet in Noord-Brabant zijn en de vogel is dus misschien wel aan te rijden! Snel open ik de dutchbirdalerts pagina en ik zie dat mijn vermoeden klopt. De vogel zit in Noord-Brabant en is zeven minuten geleden nog een keer tp gemeld. Het is ongeveer anderhalf uur rijden en dat zou voor het donker moeten kunnen. Snel bel ik Edward op, maar hij neemt niet op. Een tweede keer helpt ook niet. Na een poosje probeer ik het voor de derde keer met de huistelefoon. Even later belt Edward mij terug. Hij gaat, samen met Ies Meulmeester die ook graag er naar toe wil heeft hij afgesproken dat hij rond vijf uur bij station Goes is. Of ik daar ook maar naar toe wil komen. Ik heb nog ongeveer 10 minuten dus dat zal  mij niet op tijd lukken. Niemand is thuis dus één van mijn ouders charteren gaat ook niet lukken. Gelukkig lukt het voor Edward ook om mij op te halen bij de carpoolplek aan de Vierwegen. Dat is voor mij een stuk dichterbij. In absolute recordtijd graai ik mijn spullen bij elkaar, doe ik het huis op slot, schrijf ik een briefje zodat de rest van de fam weet waar ik gebleven ben en spring ik op mijn fiets. Na vier minuten stap ik af bij de fietsenstalling op de carpoolplek. Ik moet nog even wachten, maar uiteindelijk komt Edwards koekblik er aan. Ik wurm mij op de achterbank te midden van telescopen en statieven en we gaan op weg. Het is best gezellig in de auto, maar we zijn natuurlijk ook zenuwachtig of we niet voor niks zullen rijden. De grijze wouw heeft niet zo'n beste reputatie als het om blijven zitten gaat... Gelukkig ziet Ies op zijn telefoon dat de vogel nog steeds tp is. We moeten langs een paar drukke verkeerspunten en dat levert helaas files op. In totaal hebben we zo'n 25 minuten vertraging. Uiteindelijk rijden we, ruim twee uur later dan vertrek, toch nog maar op enkele kilometers van de plek. Een piepje in de rug bemoedigt ons en al snel zien we een enorm groot aantal auto's staan. Edward parkeert de auto bij een brug en snel rennen we naar de anderen. We gunnen ons geen tijd om eerst ons statief en scoop te pakken want-je-weet-het-tenslotte-maar-nooit. Snel werpen we allebei een blik in de scoop van een behulpzame medevogelaar en hij is binnen! Wat een verschrikkelijk mooi beest! Snel halen we nu wel onze scoop op en installeren we ons. Nu kunnen we het beest prachtig bekijken. Dit was de rit meer dan waard! Beschrijving zou te kort doen, maar we zien alles aan de vogel en iedereen die een grijze wouw kent weet dat het beestje heel erg mooi is. We maken wat bewijsplaatjes, maar door de afstand wordt dat niet erg veel.
Door de telescoop is hij echter wel heel erg mooi. We staan daar een behoorlijke poos en als we een beetje uitgekeken zijn zoeken we de andere vogelaars op. Ik praat wat met Bram Rijksen en ondertussen houden we de vogel in de gaten. De vogel strekt af en toe zijn linker of rechtervleugel en dat is erg leuk om te zien. We zien ook heel goed dat de Engelse naam Black-shouldered kite waarheid bevat. De vogel heeft pikzwarte schouders. Één keer spreidt hij zijn staart helemaal zodat we alle witte topjes aan de buitenkant daarvan mooi kunnen zien. Wat een ding! Gelukkig gaat hij ook nog even vliegen. De zwarte schouders vallen daarbij erg op, ook valt op dat de vogel een minder snelle vleugelslag heeft als bijvoorbeeld torenvallk hoewel hij niet veel groter zal zijn. Uiteindelijk moeten we toch een keer weg, het is tenslotte al vijf voor half negen. Uiterst tevreden verlaten we de plek en rijden we terug naar huis. Onderweg gaan we naar de Mc Donalds en uiteindelijk ben ik ongeveer half elf thuis. Erg leuk zo'n uitstapje naar een grijze wouw! 

zaterdag 7 april 2012

Dippen hoort er ook bij!

Degene die mijn blog al een tijdje gevolgd heeft zal het wellicht zijn opgevallen dat meestal alles wel lukt. Gelukkig maar, toch klopt dat niet helemaal met de werkelijkheid want als ik iets gedipt heb dan heb ik nooit veel zin om er een verslag over te schrijven. Daarom nu dit blogbericht maar om mijn 'geluk' in de normale proporties te zien. Zaterdag had ik met Edward afgesproken dat ik samen met hem de blauwvleugeltaling zou gaan doen. Deze vogel zit in Valkenswaard en we wisten al dat het erg moeilijk zou gaan worden. We willen vroeg weggaan dus half zeven zit ik bij Edward in de auto. Ilona gaat ook mee. Als we er zijn kunnen we het eerst niet vinden. Gelukkig is een medewerker van het park dat zich daar ook bevindt zo behulpzaam om me aan te wijzen waar ik ongeveer moet weten. Nadat we de kaart nog eens bestudeerd hebben, duurt het niet lang of we zijn er. Het is een flink stuk lopen en dat gaan we dus maar doen. We moeten een stuk lopen door het bos en uiteindelijk komen we uit op de hei. Onderweg heb ik al een nieuwe jaarsoort gehoort in de vorm van een zwarte mees. Op de hei horen we in de verte een paar boomleeuweriken jodelen, ook een nieuwe jaarsoort! Gelukkig blijven de boompiepers ook niet lang uit en is die nieuwe jaarsoort ook binnen.
We denken een vroege bonte vliegenvanger te zien en met die gedachte gaan we uiteindelijk ook weg. Ik heb echter een paar foto's gemaakt en daar staat een roodborsttapuit met een grote vleugelvlek op... Of het om dezelfde vogel gaat weet ik niet, maar voorzichtigheidshalve zal ik nog geen bonte vlieg invoeren. Met behulp van een hardloper komen we uiteindelijk bij de plas aan waar de blauwvleugeltaling zit. Het wachten kan beginnen. Edward en ik kijken allebei apart een stukje plas af en zo doen nog meer mensen dat. Ik sta zeker twee uur op dezelfde plek en ik bekijk iedere vogel die er zich daar laat zien. Een fitis zit vlakbij mij te zingen. Op het water tel ik in zes paartjes wintertaling, twee krakeenden, twee paartjes kuifeenden en nog verschillende dodaarzen. Allesbehalve blauwvleugeltaling dus. Ik zie nog wel een ijsvogel die kort op een tak zit. Ik maak nog een foto van een zingende man roodborsttapuit.
Als ik uitgekeken ben loop ik een eindje terug. De regen draagt er ook toe bij dat de animo tot zorgvuldig speuren, fors daalt. Ik maak kennis met drie andere vogelaars: Herman van de Brand, Cornelis Fokker (heeft ook een blog) en Rick Schonewille. Terwijl we daar staan in de regen praten we een beetje en dromen hoe mooi de taling langs zou kunnen komen. Behalve vier overvliegende watersnippen, een foeragerende meerkoet en een roepende waterral blijft het echter stil. Opeens horen we een bekend hoog roepje, buidelmees! Voor dit gebied zal het vast een goede soort zijn en een buidelmees is natuurlijk altijd leuk, maar na Vockestaert zijn we niet zo onder de indruk van een buidelemeesroepje. Na de buidelmees blijven we nog wat praten, maar er gebeurt niet echt veel. Onverichterzake moeten we uiteindelijk terug lopen. We wilden tot het einde toe blijven voor de blauwvleugeltaling, maar helaas heeft ons dat niets opgeleverd. Voor de kuifleeuwerik en Europese kanarie van Venlo hebben we helaas geen tijd meer, dat gaan we volgende week waarschijnlijk doen. Op de terugweg kunnen we alleen nog een poelruiter meepakken die gisteren ontdekt is. Aan de foto's te zien zou deze poelruiter dichtbij moeten zitten en de teleurstelling na de dip is dan ook groot als de vogel veel verder blijkt te zitten dan verwacht.
Meer dan een vaag bewijsplaatje is er daarom ook niet uit te halen. Als we weer thuis zijn kunnen we nu eens een keer terug kijken op een gedipte tocht. Dippen houdt de spanning er echter in en hopelijk hebben we volgende week zaterdag meer geluk!